Archive for juli, 2011

juli 21st, 2011

We stoppen iedereen in hokjes, vakjes

Je zit op een bankje in het park en er lopen veel mensen voorbij.

‘Emo.’ denk je bij dat meisje met die zwarte kleding.
‘Chagrijnig mens.’ is je gedachte bij de vrouw die niet teruglacht, als jij naar haar glimlacht.
‘Player.’ bij die jongen met al die meisjes om zich heen.
Geef toe, ik doe het en jij ook. We hebben allebei onze stereotypen bij ons en stoppen mensen binnen een paar seconden in een vakje (een liedje dat hierover gaat en daar verwijst de titel ook naar, is ‘Hokjes vakjes’ van Elly & Rikkert).

Ik zal het er niet over hebben hoe slecht dit eigenlijk is, maar iets anders: in welk stereotype/hokje word jij meestal gezet? En waarin wijk je er vanaf? Wat verwachten mensen niet van jou? Want zo’n hokje is nooit helemaal op maat gemaakt voor jou, dus het kan niet anders dan dat je er op de één of andere manier vanaf wijkt.

Ik heb even aan het vriendje gevraagd in welk hokje ik zou passen en waarin ik er vanaf wijk. Hij zei dat ik dromer gedefinieerd kan worden. Maar waarin ik er vanaf wijk, is dat ik tegelijkertijd de controle over dingen wil hebben. Ik wil zekerheid, een planning hebben, voordat ik eraan begin. En eerlijk is eerlijk: hij heeft gelijk.
Verder denk ik dat ik soms misschien afstandelijk over kan komen, omdat ik verlegen ben. Dit weet ik overigens niet zeker, maar het zou best kunnen kloppen. In ieder geval, dat klopt niet (Hoop ik! Kan iemand die mij in real life kent dit alsjeblieft bevestigen dat ik niet afstandelijk ben!).

Dus nu de vraag aan jullie: in welk stereotype/hokje word jij meestal geplaatst en waarin wijk je er vanaf?

juli 20th, 2011

Het zonnebrandcrème-stresssyndroom

Tachtig jaar geleden (dus zeg maar ongeveer drie maanden) schreef ik een blogje over de complicaties van het ijs eten. Daarop reageerde ene Martijn (identiteit bekend bij de redactie (sorry, dat vind ik gewoon leuk klinken en het is ook echt zo haha)) of ik ook nog over het zonnebrandcrème-stresssyndroom zou vertellen. En aardig als ik ben, doe ik dat natuurlijk ook.

Want het is namelijk zomer. Jawel, dit komt misschien als een schok, zeker omdat het de laatste tijd wel erg vaak geregend heeft, maar het is echt waar. En bij de zomer hoort de zon. Nu hebben wij in Nederland het voorrecht dat de zon héél af en toe zo hard zijn best doet, dat hij boven de 20 en soms wel boven de 25 graden uitkomt. Dat is fijn, want daar word je bruin van. Maar niet altijd, soms word je er ook rood van. Oplossing: zonnebrandcrème.

Maar ook hieraan zitten complicaties aan verbonden, eigenlijk lijkt het wel een beetje op ijs eten. Je gaat bijvoorbeeld naar het strand, nieuwe bikini/zwembroek aan, vrienden mee, leuk, leuk, leuk. Je smeert alles in: je gezicht, je buik, je armen, je benen. Alleen… je kan niet bij je rug. Dat is ons namelijk fysiek onmogelijk gemaakt, behalve bij slangenmensen dan. En als iets naar is, dan is het wel je rug verbranden (ligt niet lekker he). Maar slim als je bent, weet je een oplossing: je vraagt gewoon aan één van je vrienden of die jou in wil smeren.
Flats. De halve fles zonnebrandcrème komt neer op jouw rug.
‘Doe je niet teveel?’ vraag je nog.
‘Nee hoor!’ klinkt het vrolijk.
Je hebt er namelijk een hekel aan als het wit van de zonnebrandcrème zich op een dusdanige dikke laag op jouw lichaam bevindt dat je eigen huidskleur niet meer te zien is.
Na vijf minuten is de vriendin(in) klaar. Gelukkig maar.
‘Dankjewel he!’ zeg je nog.
Tevreden ga je op je buik liggen op je badlaken. Hmm, lekker die zon. Oh wacht, je kan beter andersom gaan liggen, dan wordt je buik ook bruin.
Je draait je om.
In slow motion.
Je had al zo’n vermoeden, maar als je rug het badlaken raakt, is het al te laat.
Het plakt.
Met het badlaken nog aan je rug vastgeplakt (zoveel zonnebrandcrème zat er op je rug) ren je gillend van de stress naar je vriend(in).

Zo. Dat is hem dus. Het zonnebrandcrème-stresssyndroom. Helaas zijn er in Nederland hier geen therapieën voor, maar het wordt een steeds hardnekkiger probleem. Voor meer informatie, kijk op www.zbcss.nl

juli 20th, 2011

Jeugdsentiment: Kinderen voor Kinderen

Ik had er heel veel cd’s van, die ik dan ook vaak luisterde. Ik had niet door dat de kindertjes van Kinderen voor Kinderen met een enorm kakkerig accent zongen. Nee, ik zong gewoon mee!
Op een blauwe maandag had ik besloten om auditie te gaan doen. Mijn moeder raadde het me af. Nu weet ik dat dat maar beter ook is voor deze wereld. We hoeven niet allemaal doof te worden.

Toch heb ik wel eens een kinderenvoorkinderenliedje (leuk galgjewoord en Word keurt het ook gewoon goed!) voor publiek gezongen. Jawel, ik heb op toneel gezeten (theater Hofplein). We gingen niet alleen toneelspelen, maar ook zingen en dansen. Laten die laatste twee nou niet bepaald mijn talenten zijn (vooral zingen niet). Maar goed, ik ontkwam er niet aan. Iedereen moest een liedje zingen voor de groep, dus ik ook. Ik weet niet meer zeker welk liedje ik heb gezongen ‘Ik en mijn beessie’ of ‘Beestenboel’, maar ik had in ieder geval dierenknuffels meegenomen om het wat aan te kleden en wonder boven wonder: ik werd niet uitgelachen.
En ik ben geeneens een dierenliefhebber.
Later heb ik ook nog ‘Ha fijn een onvoldoende!’ gezongen. Waarom? Dat moet je niet aan mij vragen (kan hem nog steeds voor een deel meezingen, dat wel).

Als middelste kind  – ik heb een broertje en een broer – heb je het soms niet makkelijk. Ik kon me dan ook goed identificeren met het liedje ‘Sandwichkind’. Ja, ik was toen al melodramatisch.
Naar ‘Het Tietenlied’ (gezongen door Elize, kennen jullie haar nog?) durfde ik nooit zo goed te luisteren. Wat als mijn ouders het hoorden? Hoe beschamend is dat!
En zo heb ik bij andere liedjes ook weer herinneringen. Ik zou er weken over kunnen bloggen!

Langzaam maar zeker verdween mijn liefde voor Kinderen voor Kinderen. Ik werd ouder en enorm volwassen, dan krijg je dat.
Maar ik moet toegeven, terwijl ik bezig ben met dit blogje: ik ben weer aan het luisteren. Ach, jeugdsentiment… (zei de oude dame).

juli 18th, 2011

Drie veelvoorkomende gedachten bij een meisje

Als een jongen in het hoofd van een meisje kon kijken, zou hij zich kapot schrikken. Dit zijn namelijk het soort gedachten die rondspoken in het hoofd van een meisje:

1. Wat moet ik aan doen? Oh nee, ik heb helemaal geen kleding in mijn kast! Dit shirt draag ik al zo vaak. Deze broek maakt me dik. Dit jurkje is uit. Wat moet ik aan doen? Wacht, ik weet het al. Ik doe gewoon dat rokje aan met dit topje. Ja. Even aantrekken. Zo, ik ga maar naar beneden. Nee wacht, nog even in de spiegel kijken. Oh nee, het ziet er niet uit. Ik kan dit echt niet aantrekken. Wat moet ik aan doen? Jaaa, ik doe mijn nieuwe T-shirt aan! Nee wacht, dat is veel te koud.
*eenhalfuurlater*
Shit, ik ben te laat. Ik trek dit wel aan.

2. Zou hij me leuk vinden? Hij kijkt wel soms naar me. En hij heeft een keer mijn boek aan me gegeven toen ik het liet vallen. Ja, zeker weten. Hij vindt me leuk. Kan niet anders. Of… Hij kijkt ook best veel naar mijn beste vriendin. Zij is ook veel knapper. Alle jongens vinden haar leuk. Waarom vindt niemand mij eens een keer leuk? Zij krijgt ook alle jongens. Maar ik weet niet. Gisteren keek hij wel twee keer naar me. Misschien vindt hij me toch leuk… Nee, nee, dat kan niet. Waarom zou hij me leuk vinden? Of toch wel…

3. Oh nee. Ik begin echt een buikje te krijgen. En moet je mijn armen zien! Ik heb al zoveel pukkels en dan komt er nog één bij. Ik haat mijn haar, het zit echt stom. Ik zou willen dat ik er net zo uit zag als dat ene meisje. Zij heeft echt een mooi figuur. Moet je mijn lichaam dan zien. Net een propje. Ik zou willen dat ik lange wimpers had. Waarom ben ik niet vijf kilo lichter? Ik wil langer zijn.

Natuurlijk hebben we ook hele diepzinnige gedachten, maar ik denk dat elk meisje wel eens zo denkt. Misschien is het maar beter ook dat jongens het niet weten…

juli 17th, 2011

Ten Things I Hate About You

Bron

Deze film heeft twee ingrediënten: liefde en Heath Ledger. Eigenlijk zou ik hier al kunnen stoppen met schrijven, want dit lijkt me reden genoeg om hem te zien.

Toch maar een kleine samenvatting dan: Bianca en Kat zijn zussen. Bianca is het populaire meisje, dat echter door haar vader in het gareel wordt gehouden. Kat (Julia Stiles) trekt zich nergens wat van aan en is de brutale, oudere zus (zeg maar gerust: een bitch). Bianca mag niet uitgaan, zolang Kat niet uitgaat. Dus bedenkt Cameron (Joseph Gordon-Levitt, maar in deze film is hij eigenlijk nog te jong om leuk te zijn) een list, want hij vindt Bianca leuk. De populaire en rijke Joey (die Bianca ook leuk vindt) wordt overgehaald om de stoere Patrick (Heath Ledger) om te kopen, zodat hij met Kat uitgaat. En daardoor kan Bianca ook uitgaan. Maar gaat dit plan wel goed?

Het is een leuke film. Punt. Ga hem zien.

Wel kijken: Heath Ledger. Duh. En het gedicht wat er in voor komt (waar de titel naar verwijst).
Niet kijken: Als je alleen maar films kijkt die na het jaar 2000 zijn gemaakt (maar ik weet niet of die mensen wel bestaan).

Leukste quote: 

Walter Stratford: ‘Hello Katarina. Make anyone cry today?’
Kat Stratford: ‘Sadly, no. But it is only 4:30.’

juli 16th, 2011

Echte liefde

Bron

Hij ondersteunt haar, terwijl ze gaat zitten op het bankje
‘Pfff.’ klinkt het uit haar mond.
Hij glimlacht naar haar en gaat naast haar zitten. Hij slaat zijn arm om haar heen, want ze rilt van de kou. Ze sluit haar ogen even.
‘We moeten niet vergeten zo brood te kopen he?’ zegt ze.
‘Nee, dat moeten we niet vergeten.’ zegt hij.
Als ze uitgerust is van de wandeling staan ze weer op. Terwijl ze stapje voor stapje vooruit schuifelen, houdt de oude man de hand van zijn vrouw vast.

Zo’n tafereeltje komt je waarschijnlijk wel bekend voor. Soms zie ik ze ook, de bejaarde stelletjes. Ze mopperen niet en lopen niet demonstratief een meter uit elkaar. Nee, ze houden elkaars hand vast (wat ze waarschijnlijk al tientallen jaren doen) en lijken nog net zo verliefd als een stelletje dat nog maar pas bij elkaar is.
Lief vind ik dat. Het geeft me hoop. Om me heen hoor ik van relaties die over zijn, mensen die gaan scheiden (tegenwoordig is het een wonder als je ouders nog bij elkaar zijn) en ruzies. Zou liefde dan toch niet bestaan?
Maar als ik dan kijk naar een stelletje zoals hierboven beschreven, dan weet ik het zeker: echte liefde bestaat wel.

juli 15th, 2011

Een kaartje uit Rotterdam (1956): Lieve Gerard

Voor de nieuwe lezers: elke week een verhaaltje achter een oude ansichtkaart. Vandaag dus ‘Lieve Gerard’.

***

Rotterdam 12-10-56

Lieve Gerard.

Nu hier ben ik dan weer. Wat was het ’s morgens toch mistig he. Als het nog langer mistig was gebleven dan had ik nog naar de boot toegekomen. Hoe laat ben je weg uit Rotterdam? Hoe gaat het met je? Ben je al weer gewend. Ja het is wel erg stil hoor nu je weg bent. Nu Gerard hou je goed hoor en tot ziens, veel liefs van mij. Daaaaag.

Tilly.

Nog even hield ze het kaartje in haar hand, drukte er een kus op en stopte hem toen in de brievenbus. Hoewel ze wist dat het meestal minimaal twee weken duurde, voordat hij er eentje terugschreef, keek ze iedere dag toch hoopvol in de brievenbus.
‘Gerard…’
Zijn naam klonk zo mooi, vooral als ze het fluisterde in zijn oor. Hij gaf haar dan een kus op het stukje huid waar het zo gevoelig was, net onder haar oor en fluisterde terug: ‘Tilly…’
Zo fluisterden ze dan minutenlang de naam van de ander in elkaars oren, tot het moment kwam dat hij op zijn horloge keek en verschrikt opmerkte dat hij bijna te laat was voor zijn afspraak.
‘Ik ben over twee uur terug.’ zei hij dan.
Maar twee uur werd vier. Soms wel zes uur. Terwijl ze wachtte, breide ze. Maar hoe langer het duurde, hoe slordiger haar steken werden. Af en toe stond ze op om aan de trui – die was hij vergeten mee te nemen –  op haar bed te ruiken. Als ze zijn geur dan rook, was het bijna alsof hij weer bij haar was. Bijna.
Ze zuchtte. Als hij dan na zes uur weer naar haar kwam, zei ze er niets van. Ze was als een puppy, uitgelaten van enthousiasme om het baasje weer te zien. Ze wist dat ze blij moest zijn met elke minuut en die wilde ze niet verpesten door onnozel geruzie.
Eén keer had ze het gevraagd. Het kwam uit haar mond, voordat ze er erg in had.
‘Houd je van mij?’
Hij had nagedacht, met zijn hoofd schuin en een peizende blik in zijn ogen.
‘Ja, ik houd van je.’ antwoordde hij, na een paar minuten.
‘Maar niet zoveel als van haar.’ had Tilly in haar gedachten afgemaakt.
Want één ding was onvermijdelijk: het afscheid. Meestal begon ze al te snikken als hij op zijn horloge keek.
‘Toe, blijf nog even.’ smeekte ze.
Hij kuste haar voorhoofd.
‘Sorry lief, ik moet de boot halen.’
De laatste kus was het ergste. Want misschien was het wel de allerlaatste. Ze wist nooit of hij wel weer terug zou komen.
‘Ik stuur je nog een kaartje!’ had ze geroepen, maar toen was hij de straat al uit.

Nu zou hij al thuis zijn. Zijn jongens zouden hem in de armen springen en met die lippen, die mond waarmee hij haar uren geleden nog mee had gekust, zou hij een kus drukken op de wang van zijn vrouw. En zij zou glimlachen. Het perfecte gezin.
‘Hoe was het met je oude buurmeisje, Tilly heette ze toch?’ zou ze vragen.
‘Goed hoor.’ zou hij dan antwoorden. ‘Nog steeds een beetje labiel. Het arme kind.’
En terwijl zij het perfecte gezin vormden, lag Tilly op haar bed te snikken met spijt dat ze het kaartje had verstuurd.

juli 14th, 2011

Mijn jeugd is voorbij

Bron

Heel erg origineel is het natuurlijk niet om over Harry Potter te schrijven. Waarschijnlijk gaan jullie het allemaal doen. Maar dat maakt niet uit. Harry Potter hoort bij ons, bij onze generatie. En dat mag best benadrukt worden.

Voor kerst kreeg ik Harry Potter en de Geheime Kamer. Nee, ik weet ook niet waarom ik eerst deel twee kreeg.
‘Ja, dat schijnt populair te zijn.’ zei mijn moeder.
‘Wat een stom boek.’ dacht ik.
Hoe het daarna is gegaan, weet ik niet meer, maar in ieder geval las ik een tijdje daarna deel één and I was hooked. Binnen no time had ik deel twee en drie gelezen. Gelukkig voor mij kwam toen net deel vier uit, zodat ik daar ook aan kon beginnen.
Voor mij zit er een scheiding tussen deel één t/m vier en vijf t/m zeven. Misschien omdat ik wel op deel vijf moest wachten. Maar ook omdat het vanaf toen pas echt serieus werd, duister.

Ik heb zelfs op een Harry Potter-forum gezeten. En toen de boeken verfilmd werden, had ik samen met Manon een crush op Daniel Radcliffe en Rupert Grint (nee, nu niet meer hoor ;)). De boeken had ik meerdere keren gelezen en natuurlijk had ik zoals het een echte zwijmelaar betaamt, gedroomd over hoe het zou zijn om les te krijgen op Zweinstein/Hogwarts.

Volgende week ga ik naar de laatste film. De aller-, aller-, allerlaatste film. In diezelfde week vier ik mijn twintigste verjaardag. En dan wordt het officieel: mijn jeugd is voorbij.

juli 13th, 2011

Confession: ik ben een zwijmelaar

Ik ben een zwijmelaar. Ja, ik kom er eerlijk voor uit. Ik ben een dromer, een echte. Je kan me gewoon zomaar in het wild tegenkomen.

Ik zwijmel in de bus, tijdens het afwassen, voordat ik in slaap val. Ik dagdroom zelfs tijdens college (laat het mijn docenten maar niet horen). Ik kan er niets aan doen, het is een verslaving. Ik heb al op internet gezocht naar een ontwenningskliniek voor zwijmelaars, maar die is er niet. En ook geen praatgroep. Dus geen gesprekken zoals dit voor mij:
‘Ik ben Laura en ik ben een zwijmelaar.’
Groep: ‘Hallo Laura!’
En helaas is er ook geen medicijn voor.

Natuurlijk is het ook leuk om een beetje te dromen, maar soms is het niet zo handig. Als je moet opletten bijvoorbeeld (tijdens college of bij welke halte je uit moet stappen). Of als je zwijmeldroom zó leuk is, dat je niet in slaap wil vallen. Eén van de symptomen is dan ook slaaptekort.

Nee,  zo makkelijk is het niet om een zwijmelaar te zijn, zeker niet zonder lotgenoten. Dus andere zwijmelaars: meld u hier. Dan richten we samen wel een praatgroepje op.

juli 12th, 2011

Mijn leukste vakantie: Lovely Bournemouth

Een jaar geleden zat ik in Bournemouth, een plaatsje in het zuiden van de kust van Engeland.

‘Wat deed je daar dan?’
Nou, dat zal ik je even vertellen.

Ik weet niet meer precies hoe ik op het idee kwam, maar ik wilde graag een keer alleen op vakantie en mijn Engels verbeteren. Niet dat mijn Engels nou zo slecht is, maar verbeteren kan altijd toch? Ik ging zoeken op internet en uiteindelijk kwam ik terecht bij de organisatie EF (Education First). Deze organisatie verzorgt taalcursussen in het buitenland (niet alleen Engels). Via deze organisatie ben ik in Bournemouth terecht gekomen (omdat dat het goedkoopste was haha). Overigens heb je ook andere organisaties die minder prijzig zijn, maar ik wilde graag een betrouwbare.
Ik koos ervoor om twee weken de algemene cursus te volgen en mijn verblijf was in een gastgezin.

Iedereen aan wie ik het vertelde zei: ‘Vind je dat dan niet eng?’ Maar eigenlijk werd ik pas zenuwachtig toen ik met de taxi naar het huis van mijn gastgezin ging. Zouden ze wel aardig zijn? En kan ik wel goed genoeg Engels? Zou ik het wel kunnen om de hele tijd Engels te praten? Maar eenmaal daar aangekomen, bleken het twee hele aardige mensen te zijn. Ik maakte ook kennis met mijn roommate Natalia, een vrouw uit Rusland. Ook zij was gelukkig aardig. De tweede week had ik een roommate uit China en jawel; ook zij was aardig ;) En aan de hele tijd Engels praten wen je.

Ik moest bijna elke dag naar school, maar eigenlijk kregen we niet eens zo heel veel les. Het was vooral gericht op spreken. We kregen dan een onderwerp, bijvoorbeeld feestdagen (er waren natuurlijk mensen van allerlei nationaliteiten daar), en daar moest je dan in een groepje over praten. Op die manier leer je ook andere mensen kennen, met wie je dan buiten school ook afspreekt. Verder zorgde de school voor veel activiteiten, zoals reizen naar Londen, sportwedstrijden of feesten.

Het was echt mijn leukste vakantie tot nu toe. Iedereen die erover na zit te denken om dit te gaan doen: doen, echt waar! Het liefst was ik langer dan twee weken gegaan, maar helaas liet mijn portemonnee dat niet toe. Maar echt, het was ontzettend leuk. Niet alleen verbeterde ik mijn Engels (op het laatst krijg je ook een soort diploma en ik had C2, het hoogste niveau), maar ik leerde ook nieuwe mensen kennen uit landen met een andere cultuur. En ik kan het je sowieso aanraden om in een gastgezin te gaan, want dat is al helemaal goed voor je Engels.

Dus ja, echt een aanrader!

Heb jij wel eens zoiets gedaan of het overwogen te doen?