Archive for maart, 2014

maart 11th, 2014

Half Zwart

Half zwart

Voor mijn stage* moet ik uiteraard boeken lezen (jeetje, wat een straf zeg). Eén van de eersten was Half Zwart van Sally Green, een Young Adult/Fantasy-boek. ‘Wat Twilight deed vampieren, zal Half Zwart doen voor heksen.’ stond in het persbericht. Dat joeg me wel angst aan (Heksen die glinsteren in het zonlicht? En betekent dat dat er nóg een film met Kirsten Stewart komt?), maar gelukkig had ik niks te vrezen.

Half Zwart vertelt over Nathan, een half zwarte heks. Dat is erg in een wereld waarin witte heksen de ‘goeden’ (of niet?) zijn en zwarte de ‘slechten’. Heksen kunnen alleen maar hun gave krijgen (bijvoorbeeld toverdrankjes brouwen) als ze op hun zeventiende drie inwijdingsgeschenken krijgen van een familielid en hun bloed drinken. Maar Nathans moeder is dood en zijn vader een beruchte zwarte heks. Bovendien wordt Nathan opgesloten in een kooi.

Half Zwart is onderdeel van een trilogie en god, wat is dat frustrerend. Ik heb het boek in twee dagen uitgelezen en ikmoétwetenhoehetafloopt. Maar dit boek is pas deze maand uitgekomen, dus dat wordt lang wachten. Een aanrader is het in ieder geval!

*Ik blog alleen maar over boeken die ik leuk vind, dus geen zorgen: hier zit geen dwang achter en is volledig mijn eigen mening.

maart 9th, 2014

Terug naar Oegstgeest: de beste plek om te wonen

oegstgeest tha best
Lief vriendje.

Iets eerder een ‘Terug naar Oegstgeest’ dan gebruikelijk, vanwege geweldig (maar tevens gebruikelijk) nieuws: Oegstgeest is volgens een onderzoek uit de Telegraaf de beste plek van Nederland om te wonen.

Eerste reactie: DUH.

Tweede reactie: wat wél in het persbericht stond, maar vele websites en kranten helaas niet hebben overgenomen, is dat dit door mij komt. Ik mag dan wel de gek van Oegstgeest genoemd worden, maar ik ben wel een geweldige gek. Er staat geen enkel huis meer te koop hier, omdat iedereen zo dicht mogelijk bij mij wil wonen.

Maar even zonder gekkigheid (haha ce n’est pas possible), ik heb totaal geen problemen met de uitslag. Het crimineelste wat je hier kunt vinden, zijn de twee rokende twaalfjarigen onder mijn trappenhuis (mét pakje Wicky). Er staan hier mooie, oude huizen waar ik later in ga wonen, als je gaat wandelen, kom je altijd een kat tegen en alle straatnaamborden zijn rood met gele letters. Het mag dan wel het bijzettafeltje van Leiden genoemd worden, maar hé Leiden, we finally beat you!

De Telegraaf wilde eigenlijk ook nog een onderzoek doen naar de beste inwoner van de beste plek om te wonen, maar dat was al van tevoren duidelijk. Om mensen niet jaloers te maken, hebben ze de uitslag niet gedeeld. Toch kan ik jullie een hint geven: de beste inwoner van de beste plek om te wonen heeft dit blogje geschreven.  Niet doorvertellen! (jawel, vertel maar door)

maart 7th, 2014

La Petite a.k.a. Lauratius a.ka. LaLa a.k.a. Loes

Ik heet Laura. Misschien weet je dat al. Maar misschien weet je dan ook dat mensen dol zijn op het geven van bijnamen aan mij. Bleef het vroeger bij een inspiratieloze (sorry mensen die mij zo noemen/genoemd hebben) ‘Lau’ of ‘Lautjuh’ (breezerperiode), word ik tegenwoordig heel anders genoemd.

Zo noemt mijn vader me la Petite (géén idee waarom) en mijn moeder zegt ‘Mevrouwtje Pollewop’ tegen me (‘Bolle Bob’ zegt mijn broertje dan). Andere koosnaampjes zijn Lauratius, LaLa, LauriePaurie, Kleine, Rode Tuinkabouter en Loes. Lauratius kan een verkeerd beeld geven, aangezien ‘us’ een mannelijke uitgang is in het Latijn, maar ik heb hem dan ook niet zelf verzonnen! Dat is het met bijnamen: verzetten heeft geen zin. En nu ik een pen heb waar ‘Lauratius’ ingegraveerd staat, ben ik er meer dan blij mee.

Zelf houd ik ook van koosnaampjes geven. Normale namen zijn boring en bovendien is het handig als je met je bff over je crush wil praten, maar niemand mag weten wie het is (‘Tafel is zooooo leuk!’). Ook mijn vrienden moeten eraan geloven. Manon is Nonnie, Monica is Moes (zij is degene die mij Loes noemt), Nicole is Tommie (ik weet de logica hierachter niet meer), Jozefien Joosjepoosje (afgekort: JP) en zo zijn er nog meer.

En het mooiste is nog: je beseft soms pas hoe speciaal je voor iemand bent als ze je bij je koosnaam noemen.

maart 5th, 2014

Laura’s liefdesletteren: het asfalt

hartjeopmijnhandomdathetkan

Ik wil vaker fictie schrijven en daarom heb ik dit onderdeel in het leven geroepen. Verhaaltjes over – je raadt het al – liefde. Omdat liefde fijn is. En stom. En raar. En bijzonder. Allemaal tegelijk.

***

Het asfalt is zo heet dat ik de warmte door mijn slippers kan voelen. Maar ondanks de hitte heb ik kippenvel op mijn armen.

Nog maar een paar minuten geleden had ik geschreeuwd, toen de verbijstering en eerste schok over waren. Het besef sloeg bij me in als onweer en ik greep hem bij zijn arm. De arm die gisteren nog om me heen lag. Hij rukte zich los, wendde zijn ogen van me af, terwijl hij zei: ‘Het spijt me.’
Het klonk niet erg gemeend.
‘Ga je echt weg?’
Ik kon het trillen van mijn stem niet onderdrukken. Hij knikte, meer niet. Ik schudde met mijn hoofd, heen en weer, zachtjes, maar steeds harder.
‘Nee, nee, NEE. Je kan me hier toch niet zomaar achterlaten?’
Hij haalde zijn schouders op.
‘Dan kun je even bijkomen.’
De tranen prikten zo hard in mijn ogen dat de woede geen kans had. Hij keek nog één keer om, ‘Dag.’ en liep weg. De wieltjes van zijn koffer verstoorden de stilte en ik keek hoe zijn schaduw steeds kleiner werd.

maart 3rd, 2014

Confessiontime

– Brad Pitt doet mijn hart niet sneller kloppen. Chase Crawford ook niet. Überhaupt sixpacks niet (hoe kun je daar nou lekker zacht op liggen met je hoofd?).
– Ik houd niet van Friends.
– Roze is niet aan mij besteed (behalve kleding). Roze gecombineerd met schattig (denk: Hello Kitty) al helemaal niet. Blauw is leuker.
– Ik zing ook wel eens mee met liedjes als mijn huisgenootje wél thuis is. Ze heeft er nog niets over gezegd. Nóg niet.
– Ik heb wel eens chocolade vrijwillig weggegooid (in een paniekaanval van ‘Oh mijn god, ik geloof dat ik in een uur tien kilo zwaarder ben geworden van die reep’).
– Ik vind ‘Say yes to the dress’ een heel leuk programma (maar echt, waarom kiest iedereen een zeemeerminnenjurk, die zijn (vaak) niet mooi).
– Ik heb meerdere keren fietslampjes en fietshoesjes gestolen van andermans fietsen (uit wraak, omdat het bij mij ook gebeurde ‘Geen goede reden, Laura.’ ‘NOU EN, IK WIL GEEN NATTE BROEK OF EEN BOETE.’).

Goed, nu dat achter de rug is, ga ik mezelf nu opsluiten in een hutje op de hei, zodat ik jullie reacties (‘HOE KUN JE NOU NIET VAN SIXPACKS/FRIENDS HOUDEN/CHOCOLADE VRIJWILLIG WEGGOOIEN?’) niet hoef te lezen.

maart 1st, 2014

Een onvolledig beeld

Sommige zaken in het leven zijn onvermijdelijk. We gaan dood. We hebben emoties, of we nou willen of niet. En dan iets waar ik niet tegen kan: we kunnen onszelf niet volledig zien.

‘Maar Laura toch,’ wil je misschien zeggen. ‘Niemand kent mij beter dan ik.’ Goed, jij weet wat je denkt (maar kun je je nog herinneren wat je vorige week allemaal dacht?) en je bent overal bij, want duh, je kunt je niet losmaken van jezelf. Maar weet jij hoe je eruit ziet als je schrikt? Ken jij de blik in je ogen als iemand een compliment maakt? Hoe je overkomt als je op straat loopt?

Soms zie je foto’s van jezelf en je kan het gewoon niet geloven: ben ik dat? Wat erg dat iedereen daar tegenaan moet kijken. Maar anderen zien niets geks aan de foto, want zij weten hoe je eruit ziet, in (bijna) alle facetten.

‘Je kunt zo goed met nieuwe mensen praten,’ zei ik een keer tegen een vriendin. Ze moest lachen: ‘Nee joh, ik ben er juist heel slecht in.’ Dat was niet bedoeld als een ‘Oh, ik ga zeggen dat ik zo dik ben in deze broek, zodat jij moet zeggen dat dat niet zo is’, ze dacht het daadwerkelijk. Ze kan zichzelf niet zien zoals ik haar zie.

Soms kan ik het niet hebben dat ik mezelf nooit zo zal zien als anderen. Dat ik niet weet hoe mijn neutrale blik is. Hoe ik presenteer. Natuurlijk, je kunt filmpjes maken, maar gedraag je je niet anders zodra je weet dat je gefilmd wordt? Bovendien kun je niet alles filmen.

Er is een stuk van mezelf waar ik niet bij kan. Dat ik niet kan begrijpen. Het enige wat ik kan doen is een hand uitreiken naar anderen en hopen dat ze hem aannemen, zodat ik een glimp kan zien.