Archive for ‘Overig’

oktober 15th, 2021

Viva Valencia

Waar ging je heen? Valencia
Met wie? Mathijs jwt
Voor hoe lang? Een week
Was je wel eens in Spanje geweest? No, nunca
Wat hebben jullie allemaal gedaan? Eten, strand, musea, the usual dus
Hadden jullie nog een terugkerend woord? Ja, het ironisch gebruik van het verschrikkelijke ‘muy chill’ wat een bepaalde vlogger heel vaak zei in een bepaalde realityserie op een bepaalde zender
Wat viel je het meeste op? Dat er heel veel honden zijn in Valencia en nul katten
Nog meer dingen? Mondkapjes zijn binnen verplicht, maar veel Spanjaarden dragen ze ook buiten (???)
Nog meer dingen? De huizen hebben van dat felle, witte licht in plaats van warm sfeerlicht en dat snappen Mathijs en ik niet
Wat moet je weten als je naar Spanje gaat? Dat de winkels ’s middags dicht zijn en je ’s avonds pas vanaf acht uur kan eten, het is goed om wat Spaans te leren (lang leve Duolingo en Mathijs die Spaans heeft gehad op de middelbare school), je kan fietsen in Valencia, maar ik vond het niet zo fijn (dat het kan, betekent niet dat je het moet doen, want auto’s zijn er niet per se aan gewend en het is nogal druk en vermoeiend), auto’s rijden gewoon door rood als jij niet kordaat oversteekt als je groen licht hebt, tapas is tha best, wc-papier mag je niet altijd doorspoelen vanwege slechte leidingen…
Waar moet ik eten in Valencia? Bij Swagat (Indiaas eten, maar echt een van de lekkerste keren dat ik Indiaas heb gegeten in mijn leven) en bij Malafama (good old tapas). Die zijn allebei wel buiten het centrum.
Hoe is de overgang van zon naar de Nederlandse herfst? Terrible

juli 22nd, 2021

Vriendschap is een illusie

Zeg het niet tegen mijn vrienden, maar ik heb nieuwe. Ze zijn bij me als in de zon lig in de tuin of als ik fiets naar het huis waar ik op een kat pas. Tijdens wandelingen lopen ze naast me, maar ze laten geen schaduw achter.

Ze heten Marc-Marie en Aaf en ik hoor hun stemmen in mijn hoofd.

Het is ook wel een gekke vriendschap. Ik zeg eigenlijk nooit iets terug. Altijd maar babbelen zij. Ze vertellen me eerst hoe hun week was, maar vragen niet naar de mijne. Daarna praten ze over één onderwerp, iets heel randoms. Fietsen. Beleg. Kapitalisme. Ze geven sterren, maar willen niet weten dat ik vind dat ze veel te veel sterren geven voor honden. Ze bladeren door een roddelblad, ook al schamen ze zich daar een beetje voor. Ze zijn altijd heel eerlijk, zelfs over Bekende Mensen die stom tegen hen doen. Soms hebben ze een suikeroom- of tante, want dat klinkt beter dan #spon. Daarna bespreken ze een probleem van iemand die hen ook in zijn of haar hoofd heeft. Ze bespreken nooit mijn problemen.

Het komt vaak voor dat ik hardop moet lachen en de toevallige voorbijganger op straat me raar aankijkt. Alsof ik alleen ben. Alsof ik gek ben.

Mijn vrienden praten niet alleen tegen mij. Ik wil niet weten hoeveel andere vrienden ze hebben. Soms denk ik zelfs dat we niet echt vrienden zijn, maar dan komen ze weer met een nieuwe update en ben ik verkocht. Ik denk dat ik een beetje verliefd op ze ben, maar ik wil niets op het spel zetten.

Misschien kan ik ze inspiratie bieden voor onderwerpen om over te praten. Zakdoekjes. Cadeaus. Verwarring. Het concept concept.

Ik draag ze dicht bij me, in mijn hand, in mijn hoofd, in mijn broekzak. Ooit zal ik tegen hen praten. En zij zullen luisteren.

juli 8th, 2021

Hoe organiseer je een speurtocht voor je partner?

Gisteren waren Mathijs en ik twee jaar samen. Vorig jaar had ik een boek samengesteld met foto’s, herinneringen, gekke dingen (zoals een setlist voor een ‘optreden’ in mijn studio, omdat we vaak samen liedjes zingen) en eerste berichtjes. Mathijs had een video gemaakt over onze relatie, ondersteund door zijn eigen muziek. Wat zal ik zeggen: we zijn een creatief stel. Dit jaar moest er natuurlijk ook iets moois komen.

‘Wat denk je dat ik ga doen?’ vroeg ik aan hem.
‘Ik denk een speurtocht.’
Shit, hij had mijn idee geraden. Maar gelukkig ben ik goed in toneelspelen.
Ik had ook zijn idee geraden, al mijn lievelingseten maken: misschien kennen we elkaar iets te goed.

Maar die speurtocht dus. Want hoe doe je dat? En dan ook nog eens in tijden van corona, waarin je toch beperkt bent? En waar laat je het in godsnaam eindigen? Mijn tips:

1. Schakel bekenden in
Vanwege corona wilde ik Mathijs niet langs te veel mensen sturen (en ook om de speurtocht niet te lang te maken, want er zou daarna nog iets volgen). Kies de mensen vooral strategisch op de buurt waarin ze wonen. Zo liet ik Mathijs langs mijn oud-buren gaan, want mijn oude huis is natuurlijk een speciale plek voor ons (de plek van onze eerste kus en hét gesprek van jenoemdemejedatemaarhetvoeltalsofikmeerbendanjedate). Hij moest een vraag beantwoorden voor hij van hen een envelop kreeg met de volgende aanwijzing. Maar je hoeft niet altijd fysiek mensen in te schakelen: je kunt je partner ook iemand laten bellen of laat vrienden van jullie een podcast maken/voice message inspreken (ook leuk om later weer terug te luisteren).

2. Geef opdrachten die iets met jullie inside jokes te maken hebben
Zo moest Mathijs een filmpje maken, terwijl hij van de kabelbaan ging (de kabelbaan waar we ook op gingen op onze eerste date). Ook moest hij het spinnenlied zingen, een liedje dat ik altijd zing als ik zijn monobrauw tot een duobrauw pluk om hem af te leiden van de pijn (mannen zijn watjes). Het lied gaat overigens zo: spinnen, spinnen, spinnen / ze zijn buiten / spinnen, spinnen, spinnen / ze zijn binnen / spinnen, spinnen, spinnen / laat ze niet winnen.

3. Geef aanwijzingen op verschillende manieren
Dat kan via enveloppen, maar ook door voice messages of door anderen in te zetten.

4. Laat je partner foto’s maken van de plekken waar hij/zij is geweest
Dat is leuk om later terug te zien en ook handig, want dan weet je waar hij/zij is. Bonustip die ik zelf niet heb toegepast, maar wel handig was: zorg dat je partner zijn/haar livelocatie aanzet, zodat je weet wanneer je zelf naar de laatste bestemming moet vertrekken.

5. Zorg voor een goed einde
Ik liet Mathijs uiteindelijk naar de stad komen voor een high tea, maar je kunt ook denken aan iets actiefs zoals suppen of wat is tegenwoordig in.

En wat we dan in godsnaam volgend jaar weer voor creatiefs moeten verzinnen? Ik weet nog niets. Tips zijn welkom!

februari 21st, 2021

Walk, walk, walk

Ik heb de hobby op me genomen die velen nu hebben: wandelen.

Als ik vroeger ging wandelen, dan was ik vooral op zoek naar katten om te aaien. Maar echt beslissen dat ik nu een uur ging lopen, nee. Dan nog eerder hardlopen.

Ja oké, ik wandelde met collega’s door een troosteloze buurt, want acht uur in een troosteloos gebouw opgesloten is nog erger (ondanks de naam zijn de Lee Towers niet zo gezellig als je zou denken). Je moet toch wat.

Maar nu, nu doe ik het vrijwillig en zelfs, ja, met plezier. Ik ben nog niet zo zen dat ik niets anders nodig heb. Ik heb ofwel iemand naast me ofwel luister ik naar voice messages van vrienden (hallo Daniëlle) ofwel spreek ik zelf voice messages in. En vooruit, soms luister ik muziek of een podcast. Waar ik eerst verlangde naar minder prikkels kan ik er nu soms geen genoeg van krijgen.

Inmiddels ken ik bijna elk straatje in de buurt. Ik weet in welke huizen katten wonen en zou je bijna kunnen vertellen wat de naam is van het schip dat nu voorbij vaart. Vroeger, je weet wel, toen we alles mochten, sprak ik met vrienden vooral af in cafés. Wcms erbij. Koekje erbij. Drukte. Daarna, toen niet meer alles mocht, sprak ik met ze af in huizen. Nu zien we elkaar vooral buiten, ook in kou, ook in regen, ook in sneeuw, en we lopen. Minder gezellig dan eerst is het niet.

Ik denk dat ik deze hobby gewoon blijf aanhouden, ook als alles weer mag.

april 19th, 2020

Op je koptelefoon


Ook even schaamteloos mijn weer langer gegroeide haar showen waar ik blij mee ben

Ongeveer een jaar geleden was een van de mooiste dagen van mijn leven. Nee, het was niet de dag waarop ik een jongen met een snor en een lieve lach ontmoette (sorry, Mathijs), maar een andere liefde die in mijn leven kwam: mijn noise cancelling headphone. Vanaf toen werd mijn leven mooier en… stiller.

In die tijd moest ik nog een aantal dagen per week naar Rotterdam. Dat betekende anderhalf uur heen – bus, trein, metro – en anderhalf uur terug – metro, trein, bus. Dat kost sowieso al veel energie, maar al helemaal als je tieners met boemboemmuziek naast je hebt, mensen die hun liefdesleven op toontje megafoon bespreken of krijsende kinderen. Op blogs las ik over noise cancelling headhpones. Ik begon al weg te dromen over een wereld met rust, totdat ik de prijs zag van die dingen. Laat ik het zo zeggen: je kan er veel boeken van kopen.

Ik geef niet zoveel om merken of status, dus er zijn weinig dingen waar ik veel geld aan uitgeef (‘En chocoladekruidnoten dan?’ ‘Ssst, ik heb het over in een keer veel geld’). Dit zou pijn doen in mijn portemonnee en ik moest er sowieso wel even voor sparen. Soms zag ik mensen met een koptelefoon lopen op straat en dan voelde ik een steek van jaloezie.

Maar na een tijdje werd mijn geduld beloond: ik had genoeg geld gespaard. De eerste keer dat ik de koptelefoon op deed, was een magisch moment. De wereld stond even stil en toen had ik nog niet eens muziek opgezet. Het reizen van en naar werk werd dragelijker, want ik bevond me in mijn eigen wereld van indiemuziek of een random Netflixshow zonder dat ik last had van andere mensen. Toegegeven: niet alles wordt uitgeschakeld. Als mensen heel hard praten, hoor je het er alsnog doorheen, maar wel veel minder hard.

Ook thuis zet ik hem wel eens op. Een buur die aan het boren is? Normaal zou ik me eraan ergeren, maar nu is het zo opgelost. Ik kan gewoon rondlopen in mijn minihuisje, want het is draadloos. Het enige wat ik niet doe, is ermee fietsen. Ik kan natuurlijk dan de noisecancelling uitzetten (het aanzetten is niet heel veilig), maar ik kies dan liever voor oordopjes.

Mocht je willen weten welke ik heb: het is de Bose QuietComfort 35 II. Hij is helaas niet gesponsord, maar als je via het linkje iets bestelt bij Bol.com, krijg ik een pietpeuterig klein bedrag waarmee ik ooit misschien een zakje chocoladekruidnoten kan kopen.

Hoe dan ook, mijn leven is een stuk mooier sinds ik dat ding heb. Ik ben dus gezegend met twee liefdes in mijn leven. En mocht een daarvan ook irritant doen, dan zet ik gewoon de andere op. Opgelost.

juli 17th, 2019

Laura van de quiz

‘Wat heb je dit weekend gedaan?’ vraagt mijn baas wel eens.
Soms zeg ik iets met vrienden, naar de film, maar vaak ook: ‘Naar een pubquiz geweest.’
Ja mensen, ik houd niet van spelletjes, maar geef me iets met kennis en IK MAAK JE KAPOT. Nee, nee, het is gewoon voor de gezelligheid natuurlijk. Ik trek wat random vrienden bij elkaar met elke keer weer een mooie naam (The Grumpy Cats bijvoorbeeld) en soms worden we zelfs derde. Dat is waarom mijn baas op een gegeven moment zei: ‘Waarom organiseer je eigenlijk niet een Recruitment Pubquiz?’

Kijk, ik ben een brave werknemer. Dus ik deed het. Ik plaatste een paar berichten op social media, jutte de boel een beetje op, fixte de locatie (shoutout naar Uncle Jim in Utrecht waar ze me nu kennen als ‘Laura van de quiz’) en bedacht de vragen. Eigenlijk was ik wel een beetje zenuwachtig of er genoeg mensen op zouden dagen, maar uiteindelijk waren er gewoon twintig (!!!) teams.

En het was een topavond. De concurrentie was hoog, de sfeer goed en de vragen wellicht iets te moeilijk (denk aan rondes als: bij welk uitzendbureau horen deze slogans). Ik heb dit nog nooit eerder gedaan, maar drie keer raden: de volgende pubquiz staat al ingepland!

Tags:
februari 9th, 2018

Een stappenplan voor de bioscoop

Je besluit weer eens een avondje naar de bios te gaan. Maar hoe moet dat eigenlijk? Tante Laura legt het uit.

Stap 1. Koop of reserveer een kaartje. Je kan natuurlijk ook een Cinevillepas hebben (#nosponhelaas), maar ik gok dat je dit stappenplan dan niet nodig hebt.
Stap 2. Check hoe de film heet. Vergeet het. Check het nog een keer. Zeg de verkeerde titel tegen de bioscoopkaartjespersoon die je gelukkig wel begrijpt.
Stap 3. Zeur tegen je bioscoopgenoot dat die kaartjes steeds duurder worden.
Stap 4. Zeur tegen je bioscoopgenoot dat het eten en drinken steeds duurder wordt en check ondertussen even of je meegesmokkelde flesje cola en dropjes nog in je tas zitten.
Stap 5. Draal een beetje in de ruimte, terwijl je wacht tot je de zaal in mag.
Stap 6. Kijk nog even in welke zaal je zit.
Stap 7. Vergeet direct wat er op het kaartje stond en kijk nog een keer in welke zaal je zit.
Stap 8. Ga de zaal binnen. Ren naar een van de bovenste rijen en ga dan in de middelste stoel zitten.
Stap 9. Complimenteer jezelf dat je het beste plekje van iedereen hebt.
Stap 10. Vloek inwendig dat er een lang persoon voor je gaat zitten.
Stap 11. Vloek inwendig dat er iemand naast je komt zitten, terwijl je strategisch een plek naast je vrij had gelaten voor je jas.
Stap 12. Gooi je jas dan maar op de grond.
Stap 13. Praat met je bioscoopgenoot over werk, het weer of de kinderen.
Stap 14. Check of je nog appjes heb en zet je telefoon dan uit.
Stap 15. Kijk stiekem op het mobieltje van degene voor je.
Stap 16. Reclames! Praat met je bioscoopgenoot verder over werk, het weer of de kinderen.
Stap 17. Filmreclames! Bespreek met je bioscoopgenoot welke film jullie wel of niet zouden willen zien.
Stap 18. De film gaat beginnen, houd je mond, ga nog even goed zitten en zorg dat je flesje cola en zakje drop in handbereik staan.
Stap 19. Pak niet de chips aan die je bioscoopgenoot heeft meegenomen (‘Ja, hier betaal je tien euro voor een klein zakkie, dus ik heb bij de Appie een XL-zak gehaald voor de helft van de prijs. Oplichters zijn het, oplichters!’), maar sla die uit zijn of haar handen. Wat je ook doet, eet geen chips in de bioscoop.
Stap 20. Ga een beetje schuin zitten, want je kan de helft niet zien door de lange persoon voor je.
Stap 21. De lange persoon is verschoven, dus nu wat meer naar links.
Stap 22. Pakt hij nou echt zijn telefoon?
Stap 23. Zucht diep.
Stap 24. Probeer je te focussen op de film, niet op de mensen die praten tijdens de film.
Stap 25. Kijk geïrriteerd achterom.
Stap 26. Bedenk waar je die acteur ook alweer van kent.
Stap 27. Kijk weer geïrriteerd achterom en zucht diep.
Stap 28. Besef dat je teveel drop op hebt.
Stap 29. Zet wijsvinger op je lippen en maak een ‘Ssssst’-geluid.
Stap 30. Geniet van de film.
Stap 31. Wat duurt deze film lang.
Stap 32. Zou je nog een appje hebben gekregen van -.
Stap 33. Heeft er nou iemand een scheet gelaten?
Stap 34. De aftiteling, eindelijk.
Stap 35. Recenseer de film met je bioscoopgenoot.
Stap 36. Ga naar huis en zeg tegen je partner/huisgenoten/kinderen/huisdieren dat het altijd leuk is, een avondje naar de bios.

(Eigenlijk vind ik naar de bios gaan wel leuk, behalve als heel veel mensen gaan praten, zoals gisteren tijdens ‘Call me by your name’ en dat er dan iemand ‘HOUD JE MOND OF ANDERS OPDONDEREN’ moet roepen, voordat het stil is, maar goed, dat is niet leuk voor het verhaal)

december 28th, 2017

A(l)so

Zoals ik al eerder vertelde, had ik een tijdje een Annie M.G. Schmidt-obsessie. Vorige week was dan eindelijk de dag dat ik naar de musical ‘Was getekend, Annie M.G. Schmidt’ ging met mijn Mutti. We hadden er zin in, zelfs toen we zagen dat er geen enkele bezoeker onder de vijftig jaar was, behalve ik. Iets met een oude ziel, weet je wel.

En de musical was ook echt leuk en een aanrader. Oké, af en toe zongen er mensen heel vals mee met de muziek, maar ik was nog wel bereid dat te laten gaan. Totdat er een schermpje opflikkerde in het donker.

De vrouw voor ons vond het blijkbaar niet echt leuk en een aanrader. Even Facebook checken, waarom ook niet. Nou, omdat het heel storend is, mevrouw. Het meest irritante wat je kan doen tijdens een voorstelling, naast praten, is op je telefoon kijken. Ik ben geen boos persoon, behalve in het verkeer en als mijn broertje irritant doet en als mensen harde muziek luisteren in de trein en als mijn kat niet geaaid wil worden en met dit soort dingen.

Dus zat ik in een dilemma. Deze vrouw zat namelijk schuin voor ons, dus het was moeilijk voor mij om bij haar te komen (ik ben niet zo lang). Maar ik wilde er wel wat van zeggen, want dat licht is enorm storend voor iedereen boven haar en het is gewoon enorm asociaal. Maar wat zeg je dan? En moet je überhaupt iets zeggen?

Ik kwam er niet uit en heb uiteindelijk niets gezegd, maar zo’n situatie komt onvermijdelijk nog een keer voor. En daarom wil ik jullie advies: moet je iets zeggen (ik vind van wel) en zo ja, hoe moet je het dan zeggen? Of moet je gewoon die telefoon uit haar handen slaan? Ik hoor graag jullie wijze woorden.

november 12th, 2017

Taiwan, Taiwan, ik krijg er geen genoeg van

Van tevoren had ik me wel een beetje ingelezen, maar je weet nooit hoe een land is totdat je er bent (een van mijn vele #travelbloggerswisdoms). Maar jeetje, wat doen die Taiwanezen soms rare dingen (‘Omg Laura, dat mag je echt niet zeggen.’ ‘Alsof ze dit lezen.’ ‘Ja oké’).

Please wat????????

– Ik had al gelezen dat ze in Taiwan soms niet aan wc’s doen. Of nou ja, geen echte wc’s. Meer een soort van wit gat in de grond waar je boven moet hangen. Soms is daar niet eens wcpapier, maar een emmer met water. En dan moet je dus met je hand…
Daar had ik zo geen zin in. Ik stond al op het punt om de hele reis af te blazen, maar dat bleek verzekeringstechnisch niet te kunnen, dus vooruit dan maar. Gelukkig heb ik maar een keer moeten squatten (goed voor je spieren schijnt) en voor de rest was er altijd de keuze voor een echte wcpot of zo’n gatachtige constructie. Waar je wel rekening mee moet houden, is dat de leidingen slecht zijn en je vrijwel altijd je wcpapier in de prullenbak moet gooien in plaats van doorspoelen. Dat vind ik ook wel een ding ja.
– Met stokjes eten is minder moeilijk dan ik dacht en een alternatief is er ook niet. Soms boden mensen me een vork aan (ze hebben geen idee wat messen zijn, zelfs Enya’s ouders hadden alleen maar een scherp mes om vlees mee te snijden en geen messen om brood mee te smeren), maar als echte nep-Aziaat weigerde ik dat.


Mijn vrienden en trouwe lezers weten hoe ironisch het is dat deze bakkerij ‘Laura’ heet. 

– Tudududu hoor je en je denkt: de ijscoman! De teleurstelling is dan ook groot als het de vuilniswagen blijkt te zijn. Die komt elke avond langs en je moet dan zelf je vuilnis erin gooien.
– De perrons van de metro hebben poortjes die pas opengaan als de metro er staat. Zo kun je niet op het spoor vallen. Ik wil dit ook in Nederland, bij metro’s, trams en de trein. Pronto.
– Veel Aziaten dragen kleurlenzen. Niet voor een feestje, maar gewoon dagelijks en die zijn ook met sterkte verkrijgbaar.
– AirBnB en Uber zijn illegaal in Taiwan, maar dat houdt mensen niet tegen. Bij een AirBnB vroeg de host of we van de overheid waren, maar toen maakte Enya een foto van mijn jetlaghoofd en was het antwoord daarop wel duidelijk.
– Als meisjes korte jurkjes dragen, moeten ze er safety pants onderaan doen, want iemand zou maar je onderbroek kunnen zien. Ik heb persoonlijk mijn onderbroek al duizend keer laten zien tijdens het fietsen in de zomer op de Erasmusbrug, dus ik zie het probleem niet.
– Als je verkouden bent, moet je een mondkapje op, want anders steek je de rest van de wereld aan. Lekker niezen en hoesten en naar adem happen door dat klein beetje lucht wat je steeds maar weer in en uitademt. Lekker hoor.

– Als je in Taiwan eten bestelt, krijg je niet eerst allemaal je drinken en dan allemaal tegelijkertijd je eten. Nee, het kan zijn dat jij eerst je eten krijgt en de ander zijn drinken. Sowieso krijg je altijd een papiertje met de kaart erop waarop je moet aankruisen wat je wil en dat lever je in bij de toonbank.
– De lichtknoppen zitten buiten de kamers (dus bijvoorbeeld buiten de badkamer). IK SNAP DIT NIET.
– De tourbussen zijn superluxe. Je betaalt ongeveer zeven euro voor een rit van 2,5 uur en de stoelen zitten duizend keer lekkerder dan vliegtuigstoelen. Je krijgt je eigen televisiescherm, er is wifi en je kunt je telefoon opladen. In Nederland kost een buskaartje van de Hoeksche Waard naar Rotterdam al zes euro en dan zit je tussen de scholieren en snoeppapiertjes op een rotstoel. Ik protesteer.


Hun Engels is ook niet al te best trouwens.

– De karaoke is ook hier (net als in Japan) in aparte ruimtes die je huurt met je vrienden. Je kunt eten bestellen en drinken is gratis bij te vullen.
– Veel Taiwanezen (en andere Aziaten) hebben ook een zelfverzonnen Engelse naam, omdat hun eigen naam niet te onthouden is voor buitenlanders. Zo kostte het mij drie maanden om Enya’s echte naam te leren. De gekste Engelse naam die ik heb gehoord, is Rainie (ik durfde niet tegen deze persoon te zeggen dat dat geen echte naam is).
– Taiwanezen drinken vooral koude (!!!) zwarte thee met sojamelk.
– Je hebt hier veel night markets. Dat zijn markten die tot laat open zijn waar je bij allerlei kraampjes allerlei eten kunt kopen (allemaal voor geen geld). Mijn favoriet zijn egg waffles, gemaakt van dezelfde ingrediënten als pannenkoeken, maar dan in de vorm van eieren (of Hello Kitty), maar dat mag ik niet zeggen van Enya, want dan kom ik niet culinair en travelbloggery over. Je kunt ook stinky tofu halen (niet aan te raden), worstjes of patat met knoflook. En veel, veel meer.


Nee, gewoon nee.

– Bij die night markets zijn ook vaak kleine winkels. Vaak hebben ze niet eens een pashokje. Je mag hier geen topjes of jurkjes passen, alleen broeken, omdat ze bang zijn dat het kapot gaat en je kunt wel zelf inschatten of het gaat passen of niet (????????????????). Het is wel weer enorm goedkoop, dat dan wel. Je wordt gewoon aangesproken in het Chinees, ook al zie je er best wel Nederlands uit. Staar gewoon glazig in hun ogen en ze blijven Chinees praten. Hopeloos.
– Ze doen de natte vaat in een droogmachine. In de tijd dat je alles in die machine hebt gezet, had je ook alles zelf kunnen afdrogen, maar wie ben ik.

Dus ja, wat kan ik er over zeggen? Ik waardeer de goede leidingen in Nederland. Maar ik mis die verdomde Hello Kitty-egg waffles wel.

Tags:
juni 4th, 2017

Laat me je de stad tonen, waarvan ik ben gaan houden


Weglopen voor de paparazzi, een dagtaak voor mij.

De bel ging. Opeens kwam het besef binnen: ik heb mijn adres gegeven aan iemand die ik niet in het echt ken en ik ga de hele dag met haar spenderen. Het voelde als een Tinderdate. Wat als ze een vies, oud mannetje was? Of gewoon ontiegelijk saai?

Mylène bleek gewoon hetzelfde te zijn als op haar blog: lief, leuk, beetje gek. Op haar blog had ze een oproep gedaan aan mensen om hun stad aan haar te laten zien. Ik ben de vervelendste niet, dus ik wilde haar mijn Rotterdam wel showen. En zo geschiedde.

Uiteraard heb ik haar alleen de dingen laten zien die ík leuk vond. Zoals Mylène al goed omschreef, betekent dat vooral boeken, eten en de bioscoop. Ik zal jullie de route vertellen, ook al dacht mijn reisgenoot dat dat niet boeiend zou zijn, maar ze weet duidelijk niet hoe fabulous ik ben:

– De Statensingel. Hier kun je lekker op het gras zitten en naar de mooie, oude huizen aan de overkant staren. Of mensen zien die hun konijn uitlaten. Alles kan in Rotterdam. Ondertussen wees iemand me erop dat heel de stad mijn ondergoed kon zien, aangezien mijn jurkje was blijven haken achter mijn tas. Ik foeterde Mylène uit en eiste dat ze mijn achterkant in de gaten hield.

Rotterdam is niet romantisch/heeft geen tijd voor flauwekul/is niet vatbaar voor suggesties/luistert niet naar slap gelul/’t Is niet camera-gevoelig/lijkt niet mooier dan het is/Het ligt vierkant hoog en hoekig/gekanteld in het tegenlicht/Rotterdam is geen illusie/door de camera gewekt/Rotterdam is niet te filmen/Rotterdam is vééls te ècht

– Proveniersstraat: hier kun je het gedicht Rotown Magic vinden van Jules Deelder, maar ook een kruispunt met allemaal leuke zaakjes zoals Booon (om te lunchen).
– Altijd in de Buurt op het Weena. Hier hebben ze heel lekkere American pancakes, waar Mylène duizend foto’s van maakte, zodat het koud werd en ik al mijn pancakes naar haar hoofd gooide, echt zonde.


Dit was ongeveer 192 foto’s voor het pannenkoekenincident. 

– Lopen langs de beelden bij de Westersingel. Ik fiets hier altijd langs, dus dan heb ik geen tijd om de beelden echt te bekijken en dat is maar goed ook, want sommigen zijn echt disturbing.


Hipsteralarm is ringing.

– Nieuwe Binnenweg, een van mijn favoriete straten. Hier zit bijvoorbeeld Rotown (om uit te gaan), Koekela (voor taart en koekjes) en de Leeszaal (voor gratis boeken). In een zijstraat (Gouvernestraat) zit Kino, een natte droom van een bioscoop voor alle hipsters. Weer kwam er iemand naar me toe om te melden dat de hele wereld kan zien wat voor kleur ondergoed ik aan had. Ik sloeg Mylène met een gratis boek uit de Leeszaal om de oren en dreigde om een vervelende blog over haar te schrijven. De rest van de trip bleef ze naar mijn derrière kijken, wat me zenuwachtig maakte. Dit was toch niet echt een Tinderdate?


In mijn natuurlijke habitat. Ben er niet helemaal gerust op dat er zoveel foto’s van me gemaakt worden. Wat gaat ze daar in godsnaam mee doen, boven haar bed hangen?

– Uiteraard moesten we even naar Cinerama, een ouderwetse bioscoop die al duizend keer gesloopt zou worden, maar gelukkig is dat nooit gebeurd. In de volksmond (aka door mijn broer) ook wel Cinedrama genoemd.


Jammer dat ik er niet in mag. GET OUT. Lekker verwelkomend hoor.

– We pakten de metro naar Wilhelminaplein, waar we plotseling een andere uitgang namen en ik compleet in de war was. Ik wist wel dat we minimaal een keer moesten verdwalen, want ik heb het ruimtelijk inzicht van een legoblokje. Maar het kwam allemaal goed.
– Even spieken bij LantarenVenster. Nog een bioscoop, jawel. Deze bios was ooit hip, maar inmiddels hebben alle gepensioneerden het ook ontdekt en is de gemiddelde leeftijd van de bezoekers 95+.
– We dronken wat bij hotel New York, waar heel erg vroegah de boot naar Amerika ging (de naam verraadt het al enigszins). Ik had eigenlijk zin om de rest van mijn leven te blijven zitten, want volgens Mylènes mobiel hadden we al  7,7 kilometer gelopen en dat vond ik wel genoeg voor de rest van de maand. Maar natuurlijk moest zij weer zo nodig foto’s maken. Ik heb gedreigd haar camera af te pakken en voor vijftig euro op Marktplaats te zetten. Dat mocht helaas niet. Wel voor honderd euro.


Waarom doen we alsof fotografen cool zijn, terwijl ze heel creepy foto’s maken van random mensen? Stop deze overlast!

– Uiteraard moesten we naar de Fenix Food Factory, want Mylène woont in Utrecht en ik wilde laten zien dat Rotterdam echt wel kan concurreren met Uutje op het gebied van hipsterigheid.


Even laten zien wie de baas is.

– Het Deliplein wilde ik haar ook niet onthouden, want daar zit Kopi Soesoe (inclusief huiskat) en de Ouwehoer (inclusief schilderijen van naakte vrouwen).


Katendrecht was vroeger de buurt waar de dames van plezier rondhingen. Nu zijn er vooral hipsters van plezier.

– Als laatste bezienswaardigheid bezochten we metrostation Rijnhaven. Mylène was zo ontroerd dat ze niet kon ophouden met huilen.

Bovenstaande foto’s zijn dus allemaal van die huilie (Mylène Sopacua), maar ik snap het wel als jullie niet geloven dat ik echt met haar was. Ik bedoel, is er ook maar een foto waar ze zelf op staat? Nee. Nog nooit van een selfie gehoord en dat noemt zichzelf dan fotograaf.

Op Rotterdam Centraal namen we weer afscheid. Ik zei tegen Mylène dat ik het erg gezellig vond, maar dat ik het meer als iets vriendschappelijks zie. Het lag niet aan haar, het lag aan mij. Ik hoopte dat we nog Facebookvrienden kunnen blijven. Ze rende huilend weg. Jankebalk.

(Trouwens, ik zou graag weer met bloggers/lezers willen afspreken, want dat is gewoon leuk. Dus als je dat leuk lijkt, misschien in combinatie met een gekke actie zoals dat ik een paar jaar geleden wel eens warme chocolademelk heb uitgedeeld tijdens de winter op station Delft, let me know)