Archive for ‘Overig’

juni 4th, 2017

Laat me je de stad tonen, waarvan ik ben gaan houden


Weglopen voor de paparazzi, een dagtaak voor mij.

De bel ging. Opeens kwam het besef binnen: ik heb mijn adres gegeven aan iemand die ik niet in het echt ken en ik ga de hele dag met haar spenderen. Het voelde als een Tinderdate. Wat als ze een vies, oud mannetje was? Of gewoon ontiegelijk saai?

Mylène bleek gewoon hetzelfde te zijn als op haar blog: lief, leuk, beetje gek. Op haar blog had ze een oproep gedaan aan mensen om hun stad aan haar te laten zien. Ik ben de vervelendste niet, dus ik wilde haar mijn Rotterdam wel showen. En zo geschiedde.

Uiteraard heb ik haar alleen de dingen laten zien die ík leuk vond. Zoals Mylène al goed omschreef, betekent dat vooral boeken, eten en de bioscoop. Ik zal jullie de route vertellen, ook al dacht mijn reisgenoot dat dat niet boeiend zou zijn, maar ze weet duidelijk niet hoe fabulous ik ben:

– De Statensingel. Hier kun je lekker op het gras zitten en naar de mooie, oude huizen aan de overkant staren. Of mensen zien die hun konijn uitlaten. Alles kan in Rotterdam. Ondertussen wees iemand me erop dat heel de stad mijn ondergoed kon zien, aangezien mijn jurkje was blijven haken achter mijn tas. Ik foeterde Mylène uit en eiste dat ze mijn achterkant in de gaten hield.

Rotterdam is niet romantisch/heeft geen tijd voor flauwekul/is niet vatbaar voor suggesties/luistert niet naar slap gelul/’t Is niet camera-gevoelig/lijkt niet mooier dan het is/Het ligt vierkant hoog en hoekig/gekanteld in het tegenlicht/Rotterdam is geen illusie/door de camera gewekt/Rotterdam is niet te filmen/Rotterdam is vééls te ècht

– Proveniersstraat: hier kun je het gedicht Rotown Magic vinden van Jules Deelder, maar ook een kruispunt met allemaal leuke zaakjes zoals Booon (om te lunchen).
– Altijd in de Buurt op het Weena. Hier hebben ze heel lekkere American pancakes, waar Mylène duizend foto’s van maakte, zodat het koud werd en ik al mijn pancakes naar haar hoofd gooide, echt zonde.


Dit was ongeveer 192 foto’s voor het pannenkoekenincident. 

– Lopen langs de beelden bij de Westersingel. Ik fiets hier altijd langs, dus dan heb ik geen tijd om de beelden echt te bekijken en dat is maar goed ook, want sommigen zijn echt disturbing.


Hipsteralarm is ringing.

– Nieuwe Binnenweg, een van mijn favoriete straten. Hier zit bijvoorbeeld Rotown (om uit te gaan), Koekela (voor taart en koekjes) en de Leeszaal (voor gratis boeken). In een zijstraat (Gouvernestraat) zit Kino, een natte droom van een bioscoop voor alle hipsters. Weer kwam er iemand naar me toe om te melden dat de hele wereld kan zien wat voor kleur ondergoed ik aan had. Ik sloeg Mylène met een gratis boek uit de Leeszaal om de oren en dreigde om een vervelende blog over haar te schrijven. De rest van de trip bleef ze naar mijn derrière kijken, wat me zenuwachtig maakte. Dit was toch niet echt een Tinderdate?


In mijn natuurlijke habitat. Ben er niet helemaal gerust op dat er zoveel foto’s van me gemaakt worden. Wat gaat ze daar in godsnaam mee doen, boven haar bed hangen?

– Uiteraard moesten we even naar Cinerama, een ouderwetse bioscoop die al duizend keer gesloopt zou worden, maar gelukkig is dat nooit gebeurd. In de volksmond (aka door mijn broer) ook wel Cinedrama genoemd.


Jammer dat ik er niet in mag. GET OUT. Lekker verwelkomend hoor.

– We pakten de metro naar Wilhelminaplein, waar we plotseling een andere uitgang namen en ik compleet in de war was. Ik wist wel dat we minimaal een keer moesten verdwalen, want ik heb het ruimtelijk inzicht van een legoblokje. Maar het kwam allemaal goed.
– Even spieken bij LantarenVenster. Nog een bioscoop, jawel. Deze bios was ooit hip, maar inmiddels hebben alle gepensioneerden het ook ontdekt en is de gemiddelde leeftijd van de bezoekers 95+.
– We dronken wat bij hotel New York, waar heel erg vroegah de boot naar Amerika ging (de naam verraadt het al enigszins). Ik had eigenlijk zin om de rest van mijn leven te blijven zitten, want volgens Mylènes mobiel hadden we al  7,7 kilometer gelopen en dat vond ik wel genoeg voor de rest van de maand. Maar natuurlijk moest zij weer zo nodig foto’s maken. Ik heb gedreigd haar camera af te pakken en voor vijftig euro op Marktplaats te zetten. Dat mocht helaas niet. Wel voor honderd euro.


Waarom doen we alsof fotografen cool zijn, terwijl ze heel creepy foto’s maken van random mensen? Stop deze overlast!

– Uiteraard moesten we naar de Fenix Food Factory, want Mylène woont in Utrecht en ik wilde laten zien dat Rotterdam echt wel kan concurreren met Uutje op het gebied van hipsterigheid.


Even laten zien wie de baas is.

– Het Deliplein wilde ik haar ook niet onthouden, want daar zit Kopi Soesoe (inclusief huiskat) en de Ouwehoer (inclusief schilderijen van naakte vrouwen).


Katendrecht was vroeger de buurt waar de dames van plezier rondhingen. Nu zijn er vooral hipsters van plezier.

– Als laatste bezienswaardigheid bezochten we metrostation Rijnhaven. Mylène was zo ontroerd dat ze niet kon ophouden met huilen.

Bovenstaande foto’s zijn dus allemaal van die huilie (Mylène Sopacua), maar ik snap het wel als jullie niet geloven dat ik echt met haar was. Ik bedoel, is er ook maar een foto waar ze zelf op staat? Nee. Nog nooit van een selfie gehoord en dat noemt zichzelf dan fotograaf.

Op Rotterdam Centraal namen we weer afscheid. Ik zei tegen Mylène dat ik het erg gezellig vond, maar dat ik het meer als iets vriendschappelijks zie. Het lag niet aan haar, het lag aan mij. Ik hoopte dat we nog Facebookvrienden kunnen blijven. Ze rende huilend weg. Jankebalk.

(Trouwens, ik zou graag weer met bloggers/lezers willen afspreken, want dat is gewoon leuk. Dus als je dat leuk lijkt, misschien in combinatie met een gekke actie zoals dat ik een paar jaar geleden wel eens warme chocolademelk heb uitgedeeld tijdens de winter op station Delft, let me know)

april 14th, 2017

Laura op WhatsApp

Mijn telefoon en ik zijn echte rapperts, bitches be jealous.

A post shared by Laura Bosua (@lauradenktwel) on

Ooit was ik zwaar tegen WhatsApp, maar zoals al mijn principes gooide ik ook die overboord (alhoewel ik nog steeds nooit gerookt heb, dus laten we dat vooral zo houden). Nu kan ik me geen leven meer zonder voorstellen. Hoe moet ik anders contact houden met vrienden, via e-mail? Wow, superouderwets. En zoals iedereen heb ook ik zo mijn gewoonten op deze app. Ik zou willen zeggen ‘kijk maar mee’, maar ik vind het superstom als bloggers dat zeggen, dus kijk maar niet mee.

– Ik doe vaak alsof ik boos ben op Whatsapp en dat uit zich in HEEL VEEL HOOFDLETTERS EN BOZE SMILEYS :@ :@ :@ :@.
– Goed typen kost tijd. Ik heb geen tijd. En geen zin. Inmiddels zijn mijn vrienden getraind in het ontcijferen van alle typefouten. Zo typ ik automatisch ‘njet’ in plaats van ‘niet’, maar dat krijg je als je er Oost-Europees uit ziet.
– Ik ga niet alles in een bericht typen, want het is leuker om twintig berichten met één zin of woord te sturen.
– Voice messages zijn geweldig. Ik spreek ze ook schaamteloos in op straat en dan gaat het vaak ook over schaamteloze dingen: ‘Jaaaa even over Boer zoekt Vrouw, maar hoorde je wat ze zei? Dat hij het tweede cadeau op de citytrip zou krijgen, ze is echt oversekst oh my god.’
– Ik app vaak random lyrics naar mijn broertje en hij naar mij. Zoals: Schreeuw. Schreeuw. Schreeuw het maar uit. Dit zijn de dingen waar ik zonder kan. Kom op, ik praat tegen je. Kom op. Of: Ik ben echt niet te beroerd voor een extra bordje voer. Maar Edwin zijn broer die doet echt veel te stoer. Fok jullie allemaal, de helft is van mij.
– Mijn favoriete smiley is de lachende drol.
– Mijn groepsgesprekken hebben namen als ‘LTW is lauw’ (met vrienden van mijn bachelor Literatuurwetenschap), ‘Filosofieslet’ (met vrienden van mijn master Filosofie), ‘OKÉ OKÉ OKE’ en ‘stelletje treurwilgen’.
– Ook heb ik om de een of andere reden twee groepsgesprekken met mijn broer en mijn broertje. De een heet ‘jong en lui’, omdat onze ouders ons ‘jongelui’ noemen en de andere ‘kinderen van ’t hele land’, omdat mijn moeder ons zo noemt.
– Ik heb de blauwe vinkjes aanstaan, ook al zorgt dat soms voor frustratie #confrolfreak.
– Ik weet nog steeds niet hoe je gifs via Android moet versturen en dat is heel irritant, want gifs zijn mijn leven en een van mijn vele talenten.
– Zelden geef ik het grote hartje (die krijg je als je alleen een hartje doet, voor de rest geen tekst of andere smileys), maar áls ik het doe, moet je er heel blij mee zijn.
– Ik kan niet tegen veranderingen op WhatsApp (of andere media). Zoals die Snapchatachtige tijdelijke status die er nu is. Doe gewoon niet oké.

Tags:
februari 5th, 2017

WCMS: hoe het wél moet

Ja sorry not sorry hoor dat ik weer over WCMS (Warme Chocolademelk Met Slagroom voor de n00bs onder jullie) blog, maar dit is gewoon een belangrijk onderwerp. Zeker aangezien het weer gaat vriezen. Ik ben aan het bedenken hoe ik dat nogmaals ga overleven, maar verder dan nooit mijn bed verlaten kom ik niet (en hoe kan ik dan WCMS drinken?). Dilemma’s.

Oké, vandaag ga ik jullie vertellen hoe WCMS moet. Want er zijn zoveel mensen in cafés die het fout doen. Gelukkig weet ik inmiddels waar de goede in Rotterdam zitten (Dudok!), maar soms wil je ook gewoon iets nieuws proberen. Dus, lieve café-eigenaren, hier is een handleiding voor als ik op bezoek kom. Beter houd je je eraan, anders ga ik een nare blog over je schrijven.

1. Reageer niet raar als Laura een WCMS bestelt. Oké, ze ziet er jong uit (16), maar ook weer niet zo jong als een kind (8), dus waarom bestelt ze WCMS, doe eens volwassen ofzo en waarom zegt ze het ook alsof ze zich een beetje kinds voelt. Reageer gewoon alsof ze een rode wijn bestelt: ‘Komt eraan, dé Laura.’

2. Zorg dat je slagroom hebt. Zeg dus niet als Laura WCMS bestelt dat jullie alleen WC hebt (echt, gadver), maar dat dit van Tony Chocolonely is dus dan kan het wel of dat er volle melk in zit, dus het is wel romig genoeg. Alsof er zoiets als romig genoeg bestaat.

3. Geef niet zo’n blokje chocolade die je zelf nog moet roeren in warme melk. Dit duurt te lang. Laura is ongeduldig en er blijft altijd een beetje chocolade hangen aan dat stokje en dat is gewoon zonde. Bovendien zorgen mensen met zo’n chocoladestok ervoor dat er geen slagroom bij zit, want hoe kun je dan nog roeren en dat is verkeerd, kijk maar naar punt 2.

4. Zorg voor een lepeltje. Hoe moet je anders WCMS drinken/eten? Volgens de enquête moet je eerst met een lepeltje alle slagroom ‘eten’ met een laagje chocolademelk en dan de rest van de chocolademelk opdrinken, voordat die koud is. Je gaat niet drinken als er allemaal slagroom in zit, want dan zit er slagroom op je neus en dat is zonde.

5. Vergeet het koekje niet. Laura heeft net twintig euro betaald voor deze WCMS, dus het minste wat je kunt doen, is er een koekje bijleggen. Let wel: dit moet een lekker koekje zijn. Een stroopwafeltje, chocoladekoekje, maar onder geen beding iets van boterkoek.

6. Zorg dat de chocolademelk van Chocomel is. Die is het lekkerst en de speciale mok waarin hij komt, is het perfecte formaat. #geensponhelaas

Zo, nu weet je alles over WCMS. Ik wens je (drink)plezier en vergeet niet te roepen dat Laura zo’n geweldige blogger is. Bedankt voor je aandacht.

september 17th, 2016

Hoe ik wekenlang binnen overleefde met dertig graden celcius

‘Goh, wat was het warm hè.’
‘Ja, maar mensen mogen niet zeuren. Eerst de hele zomer zeuren dat het lekkere weer wegblijft en als het dan komt, is het ook niet goed.’

Zo, hebben we die ook weer gehad. Goed. Ik woon ergens in Rotterdam op de bovenste verdieping van een gebouw (je moet wat zeggen om de stalkers weg te houden). Het gebouw heeft een plat dak en mijn ramen mogen op het heetst van de dag de zon verwelkomen. Ik heb kleine kiepramen en een kat. Eh oké, boeiend dat je een kat hebt? Ja, want daardoor kan ik de voordeur naar de gang niet opendoen om het extra te laten luchten.

Wat heeft dit allemaal tot gevolg? Dat het al minimaal een maand niet onder de 25 graden is gekomen binnen. Momenteel zou ik een moord doen voor 25 graden, want de laatste dagen kwam het niet onder de 31.

Dan denk je: ‘Maar Laura, ga dan naar buiten. Daar waar de vogeltjes fluiten, zoals je ouders altijd zeggen. Misschien word je dan een keer bruin.’
Dat is allemaal leuk gezegd, betweterige lezer, maar ik heb een s-woord. Nee je mag nog steeds niet vragen hoe het gaat (het gaat iets beter). Een s-woord kun je niet in het park schrijven, ook al zijn er mensen die dat denken, maar die mensen denken gewoon verkeerd. Een s-woord schrijven doe je binnen, met zo min mogelijk geluid en zoveel mogelijkheid tot SOG (S-woord Ontwijkend Gedrag). Bovendien ziet niemand het als je dan in huilen uitbarst, omdat je net een goede zin had, maar hem alweer vergeten bent.

Gelukkig had ik twee ventilators. Het kostte bol.com een bepaald bedrijf drie pogingen om er eindelijk eentje te sturen waarbij er geen onderdeel ontbrak, maar dat geeft niet. De nood was niet hoog. Ik ging alleen maar bijna dood.

En nu is de zon nergens meer te bekennen. Iedereen is het zweet, het benen scheren en ander ongemak alweer vergeten, want oh, wat zouden ze niet doen voor nog een zomerdag. De herfstblaadjes dwarrelen langzaam omlaag. En in mijn huis is het nog steeds 29 graden. Verdomme.

Tags:
augustus 30th, 2016

No shame, only love

No shame, only love. #choocladekruidnotenzijnmijnalles

A photo posted by Laura Bosua (@lauradenktwel) on

Vandaag ben ik weer herenigd met mijn grootste liefde. We hebben elkaar toch wel zo’n zes weken moeten missen en dat waren de langste weken van mijn leven. Bovendien gaan we elk jaar door dezelfde hel. Gelukkig hebben de chocoladekruidnoten van Kruidvat en ik nu vele maanden samen te gaan.

Ik weet eigenlijk niet wanneer het allemaal begon. Waarschijnlijk bij hun geboorte, dat eerste jaar. Ik zag ze liggen en ik wist gewoon dat ze mij me hoorden. Ik ben altijd al gevallen voor chocolade (kan het niet helpen dat ik iets heb voor foute types) en zij waren de perfecte combinatie: chocolade én kruidnoten. Er bleek een hele familie van te zijn, Hema, Albert Heijn, maar uiteindelijk koos ik voor die van de Kruidvat. Beter dan dit werd het niet.

Het werd slechter. Eind mei vertelden ze dat ze weg moesten. Naar Spanje. Zogenaamd omdat hun baas dat eiste, maar ik had ergens het vermoeden dat ik niet de enige in hun leven was. Soms zag ik ze op feestjes of bij andere mensen in hun keuken. Misselijk werd ik ervan. Heb ik hier nou al mijn geld aan uitgegeven?

Maar de liefde was groter. Want hoewel dit ritueel zich elkaar jaar herhaalde, kon ik de chocoladekruidnoten simpelweg niet weerstaan. Een haat-liefdeverhouding is óók een verhouding.

Het geeft niet dat ik ze in mijn koelkast moet doen om te zorgen dat ze niet smelten (ik smelt ook, van liefde). Het is niet erg dat mijn halve salaris besteed wordt in de Kruidvat. Het is oké dat kassameisjes, mensen op Twitter en random voorbijgangers me uitlachen. Maar verlaat me alsjeblieft niet weer, chocoladekruidnoten. Blijf voor altijd bij me. Want ik weet niet hoe lang ik dit nog aankan.

augustus 23rd, 2016

Ik was in München, hier is het kortste reisverslag ooit

Satan is ready to see you now.

A photo posted by Laura Bosua (@lauradenktwel) on

Waar was je? In München, dat staat al in de titel, dombo.
Met wie was je? Ik ging naar Rosa (die niet meer blogt, maar blogde op o.a. Rosies Fluffie Fantasy World en Emma, Rosa en Maaike), want die woont daar.
Voor hoe lang? Vier dagen.
Wat heb je allemaal gedaan? Naar het kattencafe geweest (3x), films gekeken (4x), musea bezocht inclusief geniale snapchats (3x), cocktails gedronken (2x), gegeten (1000x).
Heb je weer gênante voice messages gestuurd naar mensen en appjes met ‘ik ben drinken’? Geen commentaar.
Jullie gingen toch ook naar de karaoke bar? Ja, maar we waren best laat daar en toen konden we geen goed liedje uitkiezen, want de beste liedjes zijn Nederlands (‘Bloed, zweet en tranen,’ ‘Why tell me why’). Daarna was het te laat om nog aan de beurt te komen en Rosa was ziek.
Oké dan. Was er nog een themaliedje? ‘Why the fuck you lying?’
Is dat een hint? Misschien.
Wat was de beste ontdekking? Dat Earth girls are easy de beste slechtste film ooit is. Plot: harige aliens zijn op zoek naar vrouwen. Storten neer op aarde. Worden geschoren door een kapster en blijken knappe mannen te zijn. Let wel: het is een musical uit de jaren tachtig. Geniaal.
Welke stad staat er voor de volgende keer op de lijst? Gent.
Wat ga je daar doen? Naar het kattencafé.
Hjb.

P.S. Ik ga morgen de Snapchat van Marktplaats overnemen voor mijn werk. Als je benieuwd bent naar leuke plekken voor studenten in Rotterdam (of om mij te zien natuurlijk), voeg dan marktplaats.nl toe op Snapchat! #nospon #okémisschiensemispon

augustus 7th, 2016

Volwassen zijn is soms wel een feessie

Vroeger moest ik uiteraard mee naar alle verjaardagen, want toen beseften mijn ouders nog niet dat ik de baas ben. Nu is dat niet zo leuk als je introvert en verlegen bent. Slim als ik was, nam ik altijd een stapel boeken mee. Dit hield namelijk alle vragen tegen (‘Hoe gaat het op school?’ keer duizend) en zo ging de tijd lekker snel. Ondertussen toastjes eten en gesprekken afluisteren en ik was een tevreden kind.

Helaas is het als volwassene niet meer sociaal geaccepteerd om boeken te lezen tijdens verjaardagen. Je mag niet eens te lang de kat des huizes aaien en er worden nóg vervelendere vragen gesteld (‘Hoe gaat het met de studie?’ ‘Wat kun je daar eigenlijk mee worden, filosofie?’ ‘Heb je al een nieuwe vriend?’). Zelfs de hapjes zijn niet meer zo’n feest als toen, want nu moet je letten op wat je eet.

Gelukkig hoef ik daar op mijn eigen verjaardag niet bang voor te zijn. Mijn vrienden aaien Dikkie om de beurt, bekijken mijn boekenkast (ik heb er nu trouwens twee, eat your heart out, Belle!), stellen originele vragen (ik probeer nu heel erg hard zo’n vraag te bedenken, maar er komt niets in me op, oeps) en eten m&m’s. Als ik zou willen, kon ik zo tijdens het feestje een boek lezen.

Oké, misschien is volwassen zijn soms toch wel beter.

juni 2nd, 2016

Een droevige dag

Gisteren was een droevige dag. Zoals altijd liep ik naar het station. De zon scheen en om me heen leek iedereen te lachen, te fluiten of te kussen. In mijn hoofd vormde zich echter een donderwolk.

Duizenden ritjes. Een paar jaar lang bus, metro, trein, alles. Naar Utrecht. Leiden. Den Haag. Amsterdam. Rotterdam. Mijn god, waar ben ik niet geweest? Je zou me een reiziger kunnen noemen, ware het niet dat ik moet kotsen van het woord ‘wanderlust’ en nou ja, ook omdat het alleen in Nederland was.

Optimaal heb ik ervan genoten. Oké, ik ben er niet heel vaak mee naar Groningen gegaan, maar hallo, dat is dan ook honderd uur reizen. Mijn studentenov heeft me van hot naar her gebracht, omdat ik op een jaar na (en ik studeer al vijf a zes jaar, dus reken maar uit) nooit in dezelfde stad woonde als waar ik studeerde. Ik las boeken, artikelen, deed een armzalige poging tot flirten of staarde gewoon uit het raam, allemaal op kosten van de staat.

En nu is dat voorbij. Het studeren echter nog niet. Mijn rijke en vrije dagen zijn geteld. Voortaan moet ik zoals het een gewone burger betaamt betalen voor het ov. Maar god, ik ben er nog lang niet klaar voor.

mei 17th, 2016

Ik ben geen echt kattenvrouwtje, scusi

IMG_20160419_192411

Dat had je vast wel verwacht toen ik Dikkie in huis nam en al helemaal toen ik verklaarde weer vrijgezel te zijn. Maar helaas:

– De blogjes en foto’s van Dikkie zijn op een hand te tellen. Oké, twee.
– Ik app mijn vriendinnen (van wie bijna niemand zelf een kat heeft en de helft allergisch is, dus ik heb ook niet de juiste vrienden) niet elke dag met: WAT DIKKIE NOU WEER GEDAAN HEEFT. KIJK HOE SCHATTIG ZE IS OP DEZE FOTO.
– Maar toen ik samenwoonde, deed ik dat wel met ex-lover.
– Ik noem mezelf niet ‘het vrouwtje van’.
– Of Dikkie ‘mijn kindje’.
– Ik zeg mijn kat geen gedag als ik wegga. 
– Ik heb maar één kat, niet tien.
– Ik heb Dikkie nog nooit iets van kleding aangetrokken, hoogstens een dekentje over haar heen gelegd.
– Er hangt geen canvasfoto van mijn kat aan de muur.
– Ik praat niet met een hoog stemmetje tegen mijn kat. 
– Over foto’s gesproken: ik plaats niet dagelijks een foto van haar op Instagram. Niet eens wekelijks.
– Ik geef niet mijn halve maandsalaris uit aan kattenspeeltjes.

Valt reuze mee dus.

april 17th, 2016

De Filosofie Nacht 2016: een verslag

Wow. Zo zou ik afgelopen vrijdag beschrijven. Het klinkt stom, maar toen ik aan deze stage begon (productie en programmering van de Filosofie Nacht) had ik niet bedacht dat die Nacht er daadwerkelijk zou komen. Als in: dat ik van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat (drie uur ’s nachts) in de weer moest zijn en verantwoordelijkheid zou hebben. Dat waar we al 3,5 maand mee bezig waren echt plaats zou vinden. Dat de sprekers die ik had uitgenodigd zouden komen en naast hen ook heel veel bezoekers. Umglaublich.

Een paar dagen voor de Filosofie Nacht was ik dan ook enorm zenuwachtig en gestrest. Ik lag in bed, want alle angstige gedachten komen natuurlijk pas als je wil slapen. Hoe ging ik dit in godsnaam doen? Ik had de verantwoordelijkheid gekregen voor de vrijwilligers, 22 mensen. Ik heb nog nooit 22 mensen gecoördineerd. Was mijn begeleider gek geworden dat ze mij deze taak had gegeven? Ik. Kon. Het. Niet.

Dat bleek enorm mee te vallen. Ik deelde mijn onzekerheid met mijn begeleider en die had er vertrouwen in. Naarmate de dagen vorderden, begon de stress af te nemen, tot vlak voor de Nacht, want je moet op zo’n dag altijd meer doen en die dingen kosten meer tijd dan je denkt.

Maar jongens, oh mijn god. Het is helemaal goed gekomen. Je zou denken dat er een heel team achter de Filosofie Nacht zit, maar het was eigenlijk mijn begeleider en ik (en een programmadeel dat DOTTED LINES heette, wat Renate Schepen heeft opgezet), natuurlijk wel met hulp en advies van onder andere de redactie van Filosofie Magazine. Een spreker zei tegen me: ‘Ik wil niet weten hoeveel mailtjes je hebt gestuurd.’ Dat wil ik inderdaad ook niet weten.

Naast de vrijwilligers was ik ook druk bezig met andere dingen. Het filosofisch bordspel Nomizo werd gespeeld (aanrader, lees hier de recensie van Filosofie Magazine), Nieuwsuur kwam langs (!!!) en ik mocht met ze overleggen (!!!). Ik sprak sprekers aan zonder starstruck te zijn, vertelde de vrijwilligers duizend keer hoe fijn ik het vond dat ze er waren en pleegde oneindig veel telefoontjes. De adrealine stroomde door mijn lijf, maar ik raakte het overzicht niet kwijt en de paniek bleef ook afwezig. Ik heb zelfs een paar dingen mee kunnen pikken (dat is het jammere van organiseren, je bent te druk met alles regelen, waardoor je de programma’s die je zelf hebt bedacht niet kunt bekijken, gelukkig bestaan er podcasts en video’s), zoals het uitgevers-spreekuur (ik ga as we speak een mail sturen met wat blogjes, iemand toevallig nog een idee wat mijn beste blogs zijn?) en het gesprek over vrije liefde, hedonisme en erotiek.

Nu zijn we twee dagen verder, maar eigenlijk kan ik het nog steeds niet bevatten. Iets organiseren is één ding, maar het daadwerkelijk meemaken en ontdekken dat je de controle kunt behouden, terwijl er zoveel tegelijkertijd gaande is. Het is awesome.

Ik ben best een beetje trots op mezelf.