Andere Laura

https://www.instagram.com/p/BO0HVHsAs1f/?taken-by=lauradenktwel

Mijn ouders zijn echte trendsetters. Ze noemden mij, je raadt het misschien al, Laura en plotseling heette de halve wereld ook zo. Jan Smit schreef er zelfs (en helaas) een liedje over. Ik zal het hem nooit vergeven.

Op de middelbare school zat ik dan ook met twee andere Laura’s in de klas. Ik was niet gewoon Laura, niet eens dé Laura, maar Laura Bosua, want nou ja, zo heet ik volledig (gelukkig ben ik dan wel weer de enige in de wereld met die voornaam-achternaam-combinatie). Zelfs bij KCV noemden ze me zo, terwijl die Andere Laura’s niet zo klassiek en dus niet in de buurt waren.

Als je denkt dat het daarbij ophoudt, oh nee hoor. Mijn broer moest zo nodig een vriendin krijgen met dezelfde naam. Om je zusje nou bij haar volledige naam te noemen, gaat te ver, dus werd ik gedegradeerd tot ‘kleine Laura’. Aardig accuraat, daar niet van.

Die relatie ging uit en na de middelbare school dacht ik eindelijk van al die vervloekte Laura’s af te zijn. Maar niets was minder waar. Ik raakte zelfs bevríend met een Andere Laura. Die óók filosofie studeerde. Echt, hoe haalde ze het in haar hoofd, doe origineel ofzo. Oké, daarvoor studeerde ze wiskunde en ik kan niet eens wiskunde C op de middelbare school, dus heel misschien is ze wel origineel, maar NOU EN.

Het probleem met deze Laura is dat zij beweert dé Laura te zijn. Ja, mij maakt het ook aan het lachen, ik hoor je wel grinniken. Er is maar een dé Laura en dat ben ik natuurlijk. Ik bedoel, is zij wel eens herkend op straat? Vergeleken met Beyonce? Zijn er colleges in het buitenland over haar gegeven? Nee, inderdaad. Ze staat dan ook als Andere Laura in mijn telefoon. En ik in die van haar. De trut.

Ik denk dat ik de vriendschap maar ga opzeggen. Er kan maar een Laura de beste zijn. En dat ben ik.

Weetjes over Laura deel ik ben te lui om op te zoeken

stranddd

– Jozefien en ik hebben in onze presentatie echt de meest belachelijke dingen gedaan. Van een plaatje van een Cavia tot de titel ‘Alles Flax?’ (Flax is de schrijfster van een artikel). Ook begonnen we de presentatie met ‘Greetings prophets, let the great work begin.’
– Mijn papers zien er overigens zo uit:
ishijhetnouwelofniet

En hij eindigt met een plaatje van een cavia.
– Als er bij een enquête staat dat je een e-reader kunt winnen, doe ik uit principe niet mee.
– Hetzelfde geldt voor een iPad, want ik snap niet wat er handig is aan die dingen.
– Ik vind het leuk om, als er een Engels liedje draait, de tekst te vertalen en dan random tegen mijn gezelschap te zeggen. Vooral als het Shout van Tears for Fears is (‘Kom op, ik praat tegen je.’).
– Ik houd ervan om mijn vrienden bijnamen te geven. Een impressie: Nonnie, Joosjepoosje (ook wel JP), Yesyes, Dani Banani en Momo.
– Op mijn beurt word ik la petite, Lauratius, Loes en mevrouwtje pollewop genoemd.
– Ik zoek nog een kat in Oegstgeest op wie ik zo nu en dan kan passen. Hooguit een uurtje, voordat mijn kamer gaat stinken naar uitwerpselen (geen kattenbak).
– Ik luister nu naar The Coffee Song van Frank Sinatra, want die is awesome.
– Ik kan er niet tegen als deuren open staan (neurotisch).

En nu een paar weetjes over jou!

Laura, de eerste vrouwelijke minister-president van Nederland

Blogonderwerp bedacht door: Kwan, die zwanger is en voor haar kind vast naar mij gaat vernoemen.

Hallo kinderen en grote mensen van het hele land! Vanaf nu ben ik de baas. Ha!

*zwaai naar de camera en lach je net gebleekte tanden bloot*

Ik zal me eerst even netjes voorstellen. Mijn naam is Laura, ik ben 21 jaar en vanaf nu mag ik de baas spelen over Nederland. Mijn partij Laura Denkt Te Winnen (LDTW) is als grootste uit de peilingen van Maurice de Hond gekomen (heeft hij toch een keer gelijk gekregen). Ik ben ontzettend blij dat jullie allemaal, ja, echt allemaal, op me gestemd hebben. Ik had wel op een zeteltje of tachtig gerekend, maar alle honderdvijftig? Ik ben werkelijk waar ontroerd.

*pink nu een traantje weg, daardoor kom je sympathieker over*

Dit land is toe aan verandering. Ben en Jerry’s-ijs kost ons nog steeds bakken vol met geld (voor één bak vol ijs). Dit is belachelijk, zeker in tijden als deze kunnen we wel wat suikers en chocolade gebruiken. Daarom heb ik een wetsvoorstel voorbereid waarin staat dat de grote potten Ben & Jerry’s maximaal één euro mogen kosten (de kleine vijftig cent). Ik weet zeker dat het aangenomen zal worden. Om te voorkomen dat iedereen straks maat XXXXXXXL heeft, is er wel een maximum van twee potten per week. Behalve voor mij, maar ik ben dan ook de baas van het land.

*spreid je armen en laat een bulderende muwhahaha horen*

Goed nieuws voor de studenten: studeren wordt gratis! Je mag zoveel studies doen als je wil en ook alle kleine studies zullen blijven bestaan. Maak je geen zorgen om het reizen: de studenten-ov blijft bestaan en de studiefinanciering gaat omhoog, want ik weet hoe duur cocktails kunnen zijn in sommige clubs.

*nip wat aan de dure cocktail die naast je staat*

Het is natuurlijk belachelijk dat chocoladekruidnoten pas in maart in de winkels liggen en in januari alweer verdwenen zijn. Deze gekte moet stoppen! Vanaf nu zijn ze altijd verkrijgbaar (en ik ga ervoor zorgen dat ze ook in Belgenland komen), maar net zoals met Ben en Jerry’s-ijs geldt hier een limiet voor. Je mag wel meer dan één zak per week, maar dan moet je wel minimaal één uur sporten (wat niet zo erg is nu sportscholen gratis zijn gemaakt door mij).

*pak een zakje chocoladekruidnoten van de Kruidvat, houd het hoog boven je hoofd en stoot een oerkreet uit*

Er is verbetering nodig. En ik, Laura de Beste, Laura de Denker, Laura de Leider, zal dit brengen. Bedankt voor het applaus en de rozen die jullie naar me gooien, maar hup, nu moeten jullie weer aan het werk! Want één van de eerste regels die ik mogelijk gemaakt heb, is deze: iedereen die niet minimaal één boek (strip- of prentenboek mag ook, dus analfabetisme is geen excuus) leest per maand, het land uit! Bedankt voor uw aandacht.

(alles wat tussen *’tjes staat, zijn aanwijzingen van mijn spindoctor)

Tien weetjes over Laura, deel vier (als ik het goed heb)

1. Ik eet toetjes op alle mogelijke tijdstippen, behalve na het avondeten. Oké en ’s ochtends ook nog net niet.
2. Ik droog het bestek als laatste af (oké goed, als er een koekenpan is, dan die als laatste) en dan doe ik eerst de lepels, want die zijn stom, daarna de vorken, want die zijn ook best stom en daarna de messen, want die drogen fijn af (???). Neurotisch? Neeeeee.
3. Voordat ik besloten had Literatuurwetenschap te studeren, waren dit (van oud naar ouder) de overwogen opties: Godsdienstwetenschappen, Filosofie, Geschiedenis, Nederlands. Literatuurwetenschap was nooit bij me opgekomen, omdat op de website van de Universiteit Leiden stond dat je daarvoor Frans en Duits moet kunnen (je ne parle pas Français). Bleek dus niet waar te zijn, thank God.
4. Vijf liedjes die ik momenteel veel luister:
Go Back To The Zoo – What If
We Were Evergreen – Summer Flings
Robbie Williams – Candy
Soft Cell – Tainted Love (of is dat heel fout?)
The Black Keys – Nova Baby.
5. Ik zit sinds kort bij een studententoneelvereniging en in mei komen jullie allemaal naar de voorstelling kijken.
6. Kruidnootjes vind ik niet zo lekker, chocoladekruidnootjes wel (‘Goh, dat hebben we niet gemerkt, Laura.’). Deze verslaving begint echter uit de hand te lopen (nee, ik eet ze niet dagelijks, ik heb mezelf nog een beetje in de hand), dus hierbij een mededeling: KOOP ZE NIET MEER VOOR ME, KOOP MAAR EEN APPEL OFZO.
7. Ik vind het leuk om overal semi voor te zetten (semi-vriendin, semi-irritant, semi-semi). En woorden te herhalen (ja, nee, niet leuk, maar leukleuk).
8. Ik krijg de kriebels van Hello Kitty. Er zijn mensen op deze planeet die in Hello Kitty-stijl trouwen… Schattig kan leuk zijn, maar er zijn grenzen.
9. Ik zeg katten gedag op straat (met zo’n hoog stemmetje: ‘Heeeey!’). Dat is heel gênant als er toch een ander mens in de buurt blijkt te zijn.
10. Ik vind het nog best moeilijk om tien weetjes over mezelf te bedenken.

En nu jullie, vertel eens een paar leuke (of niet leuke, dat kan natuurlijk ook) weetjes over jezelf!

Laura’s jargon (2)

Iedereen heeft zo wel gekke dingen die hij zegt. Behalve ik natuurlijk. Ik zeg juist hele normale dingen, maar het zijn anderen die het gek vinden. Mocht je me toevallig in de toekomst ontmoeten, dan is het wel handig om te begrijpen wat ik bedoel. Daarom hier een blogje over mijn jargon. Deel 1 kun je hier vinden.

Stombo: een dombo die nog stom is ook.

Semi-nette zwarte broek: een zwarte broek, maar geen spijkerbroek en ook niet een te nette broek. Volg je hem nog?

Hallootjes: omdat alleen ‘Hallo’ zo saai is.

Ja, maar ja: ik weet niet wat ik moet zeggen, dus ik zeg dat maar, want dat is mijn stopwoordje (of eigenlijk woordjes, want het zijn er drie).

Ik ben de baas: die lijkt me wel duidelijk. Het is gewoon de waarheid.

Iets/iemand is verschwunden: omdat ‘verschwunden’ zeggen veel leuker is dan ‘verdwenen’.

‘Je zit in mijn personal space.’: dit zeg ik meestal tegen mijn broertje die aan tafel met ZIJN lange benen in MIJN personal space zit. Ik bedoel, waar haalt hij het lef in godsnaam vandaan?

Aufschießen: dat is Niederdeutsch voor ‘opschieten’.

Huilerdehuil: Laura vindt iets niet leuk.

Geldtechnisch: want dat is een veel leuker woord dan ‘financieel’.

En zeggen jullie ook normale (maar volgens anderen dus gekke) dingen?

Laura de buschauffeuse

Aangezien je met de studie Literatuurwetenschap niks schijnt te kunnen, behalve hamburgers bakken bij de McDonald’s ben ik andere carrières aan het overwegen. Toevallig zat ik in de bus toen ik weer een idee kreeg: ik word gewoon buschauffeuse.

Ik denk dat dat ongeveer zo gaat: in één keer (uiteraard) haal ik alle diploma’s en dingen die je nodig hebt voor het rijden van een bus.
Dan is mijn eerste werkdag aangebroken. Ik rijd de bus van 07:08. Ik stop bij de eerste halte en er komt een zakenmeneer in de bus met zijn pak en koffertje (met daarin de door zijn vrouw gesmeerde boterhammetjes).
‘Hallo.’ bromt hij.
‘Goedenochtend, meneer!’ roep ik vrolijk.
Dan bedenk ik me dat ik altijd een ochtendhumeur heb en dit niet erg realistisch is, dus frons ik mijn wenkbrauwen en wrijf de slaap uit mijn ogen.
Volgende halte. Twee chagrijnige pubers stappen in. Ze zeggen me geen gedag en gaan achterin de bus zitten. Ze zetten hun boemboemmuziek aan, zo hard dat ik het voorin de bus kan horen. Verdom-. Nee Laura, niet vloeken. Dit is je werk. Dit hoort erbij. Boemboemmuziek is hartstikke leuk.
Na een paar haltes zet ik het zooitje af op Zuidplein en krijgen mijn oren eindelijk rust.

Zeven uur later. Ik heb inmiddels al tachtigduizend keer dezelfde route gereden. De bus zit vol met boemboem-tieners, zakenmeneren die bellen met de zaak, oma’s die tegen elkaar zeuren over het weer en kleffe stelletjes. Ik word gek van het piepgeluid wanneer iemand op het stopknopje drukt of in/uit checkt. Het woord ‘Goedemiddag’ krijg ik mijn strot niet meer uit. Ik zweet me kapot in mijn onflatteuze buschauffeurpakje.  Elk stoepje ram ik, omdat ik zo’n groot voertuig niet gewend ben. Dan besef ik dat ik helemaal niet van rijden houd.

Ik zet de bus stil voor mijn huis, sta op en roep naar achteren: ‘Mensen, ik houd het voor gezien!’

Weer een beroep dat ik van mijn lijstje kan afstrepen.

Nog steeds mijn droombaan niet gevonden. Wie weet iets?

Tien weetjes over Laura, deel drie (denk ik)

Deel twee (denk ik) kunt u hier vinden.

1. Ik vind het heel irritant dat de appelmoespotjes nu zo’n deksel hebben die je makkelijker eraf kunt krijgen, zodat ik mijn ‘krachten’ niet kan tonen door het open te maken (want zo kan iedereen het). Gelukkig is dat niet het geval bij de jampot.
2. Volgens mij zijn er best veel mensen die denken dat ik in Leiden woon, maar niets is minder waar! Momenteel woon ik nog thuis, maar ik kan jullie het blijde nieuws vertellen dat ik een kamer heb gevonden :D Niet in Leiden, maar in Oegstgeest, een dorp ernaast. Eind augustus ga ik er echt wonen, in verband met de vakantie. Lekker veel tijd om te klussen en in te richten dus (oh en tips zijn altijd welkom, dus mensen die nog onderwerpen zoeken om over te bloggen…).
3. Vroeger zei ik ‘Janke Janke’ in plaats van ‘Jip en Janneke’. Ik weet niet hoe dit overkwam bij andere mensen.
4. Ik houd niet van de serie Friends. Het schijnt dat ik de enige ben.
5. Ik ben over een maand en ikhebgeenzinomhetuittrekenen dagen jarig en dan word ik 21 en dat is een ramp, want 21 is FOR REAL volwassen zijn volgens de wet. Oh en dan wordt het verschil tussen de leeftijd die mensen mij schatten en mijn echte leeftijd groter. Waar blijven die rimpels en dat grijze haar toch? (GRAPJE RIMPELS EN GRIJZE HAREN, blijf nog maar even weg, het was een grapje, echt!)
6. Dagelijks krijg ik meer dan vijftig complimenten. Via de spam op mijn blog welteverstaan (zoals: ‘Fantastic blog! Great!’ en af en toe een onzedelijk verzoek).
7. Ik heb bijles gegeven in Nederlands, Engels, Duits, Grieks, Geschiedenis, Frans, Latijn en Biologie.  De laatste drie heb ik niet in de bovenbouw gehad (maar gelukkig was het aan een onderbouwer, dus ik snapte het nog wel). In plaats van bijlesgever noem ik mezelf liever bijlesjuf. Mijn leerlingen noem ik bijleskindjes, ook al zijn sommigen net zo oud als ik.
8. Het scheldwoord dat ik momenteel het meest gebruik, is ‘flapdrol’ (‘Oh mijn god, dat ze dat durft te zeggen! Op haar blog nog wel!’).
9. Ik ben de enige in dit huis die niet een apparaat heeft met een i ervoor, als je begrijpt wat ik bedoel. Ik ben de één na jongste in dit gezin. Mijn ouders zijn hipper dan ik.
10. Ik had een lekker schrijvende pen. Hij was nog maar een paar dagen in mijn bezit. En toen ging hij stuk, opeens. Ik ben nog steeds niet over dit grote verdriet heen.

En nu jullie! Vertel drie (of tachtigduizend, wat jij wil) dingen over jezelf die ik nog niet weet!

Laura’s jargon

Mijn boekje kon ik niet vinden. Deze is van mijn broer, vandaar dat ik de gegevens even gefingeerd (zoals dat met een mooi woord heet) heb.

Mijn ouders hebben van ons alle drie (broer, broertje, ik) een groen boekje waarin ze dingen als de groei en het gewicht bij hielden (lekker boeiendddd) toen we klein waren, maar óók onze uitspraken.
Ik deed uitspraken als ‘janke janke’ (vertaling: Jip en Janneke) en ‘eet je smaak’ (vertaling: eet smakelijk).

Geef het toe: ik was toen al een genie qua uitspraken (‘ARROGANT!’ ‘Houd. Je. Mond.’). Maar daar is het niet bij gebleven. Ik zal jullie vandaag een sneak peak (om maar even een stom woord te gebruiken) geven in mijn taalgebruik. Ja, dit is exclusief!

In mails:

Bonjour: aanhef van een mail. Zoals het een echte niet-Franse betaamt.
Kusje van je zusje: afsluiting van een mail die specifiek bedoeld is voor Laura’s broer.
-xxx-: afsluiting van een mail die specifiek bedoeld is voor Laura’s vriendinnen.
xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx: afsluiting van een mail die specifiek bedoeld is voor Laura’s moeder (wat een moeder-dochterliefde!)

Overige:

Tachtigduizend: héél veel.
jwoejrowejriowjeroiejwrioj: Laura begrijpt iets niet of ze weet niet hoe ze het moet zeggen.
Semi-vriendin: iemand met wie je bevriend bent, maar je weet eigenlijk niet waarom. Ook wel frenemies genoemd, maar niet door Laura, want die vindt dat een stom woord. Kan overigens ook iemand zijn die ooit een vriendin was, maar die je nu nog amper ziet.
Porto: portemonnee (nee, ze snapt het zelf ook niet).
Niet-date: een vriendschappelijk afspraakje met een jongen waarvan je stiekem hoopt dat het een wel-date is.
Mp: een mp3-speler. Omdat mp3 te lang is.

Wat een wijsheid, wat een wijsheid en dat is alleen al terug te zien in het taalgebruik!

Mag ik ook een inzicht hebben in jouw jargon?

We hebben een L, een A, een U, een R en een A: LAURA

Ik ben het. Ja, echt. Wel anderhalf jaar geleden, inmiddels zie ik er veeeeeeel volwassener en ouder uit, dat weten jullie ook wel.
Oh en +1 voor mij dat ik een foto van mezelf in een blogje zet, want ik ben een bangepoeperd wat dat betreft. 

Een beetje narcistisch is het wel. Dat ik denk dat jullie dit interessant vinden. Maar feit is wel: mijn blog is meestal niet een héél erg persoonlijk (en verder dan dit gaat het ook niet). Dus, voor de nieuwsgierige mensen onder jullie, hier een aantal onschuldige weetjes over mij:

– Ik heb het bijna altijd koud. Niet voor niets word ik wel eens Kleumpie genoemd.
-Ik ben een beetje gek. Op een leuke manier. Hoop ik.
– Eén van lievelingsvakken is Wereldliteratuur, waarvoor we elke week een boek moeten lezen.
– Ik heb heel veel schriften waarvan maar één bladzij beschreven is. Maar weggooien doe ik ze niet.
– Nog nooit had ik een hippe mobiel gehad (in de zin: toen ik een nieuwe mobiel kreeg, was hij al ouderwets). Nu heb ik er wel één. Nee, het is geen BlackBerry of iPhone, zo hip durf ik het nog niet aan.
– Ik heb ongeveer vijf jaar pianoles gehad.
– Ik heb gymnasium gedaan met, naast de standaard Nederlands/Engels/Wiskunde (wiskunde C, dat dan wel weer, ook wel kneuzenwiskunde genoemd), deze vakken: Oud-Grieks, Filosofie, Geschiedenis, Maatschappijwetenschappen en Duits. Pretpakket dus ;)
– Hip? Modern? Met de tijd meegaan? Niet bepaald woorden die bij me passen. Ik heb geen iPhone, geen Whatsapp, geen iPad (mijn moeder wel, ik weet niet wat dit over mij zegt), geen LCD tv op mijn kamer en ik ben niet te vinden op Google+, hoe hard je je best ook doet. Echt mensen, het is eigenlijk een wonder dat ik Twitter heb, dat is al heel wat.
– Ik ken niemand die kleinere handen heeft dan ik en niet meer kind is. Schattig hoor, maar dat maakt het wel vrijwel onmogelijk om gitaar te spelen.
– Ik ga zulke toffe mensen interviewen/heb zulke toffe mensen geïnterviewd voor mijn nieuwe project! Ja, dit is bedoeld om jullie nieuwsgierig te maken.
– Ik zit altijd aan mijn oorbellen te friemelen, het is een soort tic.
– Ik kan niet tegen kietelen onder mijn voeten (Shit, nu weten jullie mijn zwakke plek. Lang leve schoenen.)
– Het eerste concert waar ik naar toe ging, was van the Fray (onder andere bekend van ‘How To Save a Life’).
– Ik ben om 22.22 uur geboren. Ja ja.
– Ik vind ‘flapdrol’ een leuk woord. En ‘oelewapper’ ook. En ‘duizenddingendoekje’ natuurlijk!

‘Maar Laura, je bent zo interessant, ik wil meer over je weten!’ ‘Eh ja, daar geloof ik dus geen ene drol van, maar een vorig deel hiervan kun je hier vinden.’

Oké, your turn! Noem eens drie weetjes over jezelf (die ik nog niet weet). Ik ben benieuwd :)

Je bent echt zo lauw, jongen

‘Lau!’
Ik word niet heel vaak zo genoemd. Mijn pianolerares zei het standaard (of ze wist natuurlijk niet dat ik Laura heet, dat kan ook).

Raar eigenlijk, dat mensen afkortingen gebruiken bij andermans namen. Kijk, als je Jantje-Peter-Willem-Diederik-Roderick heet, dan begrijp ik het wel als mensen je ‘Jan’ noemen. Maar als je nagaat dat de gemiddelde naam niet zo lang is, dan snap ik het nut er eigenlijk niet van.

Bij mijn eigen naam is het ook raar. De afkorting doet me namelijk aan twee dingen denken.
1. Lauw.
Dat zou ik natuurlijk als een compliment op kunnen vatten (‘Je bent echt zo lauw, jongen!’) of het is gewoon noch koud noch warm.
2. Tiny en Lau.
Hier word ik liever niet mee geassocieerd.

Ach, wat maakt het ook eigenlijk uit? (‘Je bent weer aan het zeuren, Laura!’) Van mij hebben jullie toestemming om afkortingen te gebruiken. Behalve bij mijn eigen naam dan.

Hoe korten mensen jouw naam af? En vind je dat erg of niet?

(ik las trouwens een keer dat iemand zichzelf ‘Laus’ noemde, dat vind ik eigenlijk nog duizend malen erger dan ‘Lau’)