april 15th, 2014

Fictief interview met een kat

IMG-20140406-WA0002
Waarom maak je een foto van me, bitsjjjj!

Ik praat dagelijks met katten ‘Hey, lief poesje!’, maar wat als ze terug zouden praten? Dat gaat ongeveer zo:

Ik zie iets bewegen in mijn ooghoeken. Zou het…? Ja, JAAA,  het is een kat! Als een gek trippel ik erop af, waardoor het poesje zich juist steeds verder van mij beweegt.
‘Hey!’ roep ik en maak me klein, want dat vinden katten leuk, dan lijken ze superieur.
Ik steek mijn hand uit en de kat komt nieuwsgierig snuffelen.
‘Rookvlees gegeten?’ vraagt hij, terwijl hij met zijn ruwe tong over mijn hand likt.
Ik knik en kriebel de kat achter zijn oren. Hij begint meteen te spinnen.
‘Wie is er een lief poesje?’ zeg ik met een hoog stemmetje. ‘Ja, jij bent een lief poesje!’
De kat kijkt me boos aan en stopt met spinnen.
‘Doe even normaal ofzo,’ zegt hij.
Pff, die is chagrijnig zeg. Nou, ik doe gewoon alsof ik het niet hoor. Ik begin hem te aaien over zijn rug.
‘Naar rechts, nog een beetje naar onder, oeh ja, daar!’ roept de kat.
Telkens als ik één seconde stop met aaien, begint hij nijdig te blazen, dus ik ga maar door. Wat een mooie vacht heeft hij toch. En zo zacht.
‘Je bent het mooiste poesje van de wereld,’ zeg ik tegen hem. ‘Zo’n schatje!’
Meteen maakt hij een hoge rug en wordt zijn staart dik.
‘Ik ben al bijna zestien jaar en heel stoer,’ zegt hij nijdig. ‘Dus kappen met dat kleffe gedoe.’
Wat een arrogant beest zeg. Geef ik een kat eens complimenten, krijg ik dit divagedrag ervoor terug. Tsss. Ik sta op en loop zo snel mogelijk weg, terwijl ik achter me hoor: ‘Hé, ga je nou niet verder met kriebelen?’

april 13th, 2014

Ik mag het zeker niet vragen…

Goed, er zat een cliffhanger aan de vorige blog en nu komen jullie ein-de-lijk te weten wat de cliffhanger is (‘Thank god, Laura.’). De rode waas verscheen een aantal weken geleden voor mijn ogen. Hij was zelfs bijna paars.

Ik keek een beetje rond op Facebook en zag tussen de selfies een bericht staan over jongetjes van een jaar of negen die dingen aan het vernielen waren op een station. Dat vond de schrijfster van dit bericht heel erg. Er stond een reactie onder van mevrouw A.:
Ik mag het zeker niet vragen…
Wat niet? vroeg de schrijfster.
Of het Nederlandse jongetjes waren… zei mevrouw A.

De rode flits kwam voor mijn ogen. Dit was wel een heel ander niveau van racisme dan zeuren over hoofddoekjes op straat. Ik had het al getypt voor ik er erg in had:

Dat mag je inderdaad niet vragen.

Mevrouw A. likete mijn opmerking en weer een flits. Want zij begreep niet dat ik het oneens was met haar. Dat vertelde ik haar ook, dat het niet mag, omdat het racisme is. Mevrouw A. vond het geen racisme, want dit soort dingen zag je toch overal om je heen? En hoe oud was ik eigenlijk? Ik vroeg wat dat ermee te maken heeft en zei dat ik niet meer zou reageren. Mevrouw A. vond dat ik maar beter om me heen moest kijken.

Het waren overigens Nederlandse jongens.

Ik stopte, want ik besefte dat ik haar niet kon overtuigen. Helaas.

Ik denk niet dat racisme volledig tegen te houden is en dat we allemaal racistische trekjes hebben. We hebben nu eenmaal ook slechte kanten. Bovendien hebben we hokjes nodig om mensen in te plaatsen, anders wordt het een chaos in ons hoofd. Het enige wat we ertegen kunnen doen, is ons bewust zijn van die kant en er niet naar te handelen.

Dus moet ik dan de rode waas negeren of niet? Ik ben er nog niet over uit.

april 11th, 2014

De rode waas

Het gebeurt vaak op Facebook of als ik blogs lees: iemand schrijft iets (in mijn ogen) dusdanig debiels dat ik MOET reageren en wel op een hele bitchy toon, want jeetje, hoe kunnen mensen dit soort dingen nou denken. Er komt een rode waas voor mijn ogen. Ik typ de reactie in, er komt een reactie terug en voor je het weet, loopt de boel uit de hand. Oeps.

De volgende blog zal ik zo’n situatie verder toelichten, maar voor nu gaan we verder op de rode waas.

Ik heb het ook wel eens tijdens het fietsen, dat ik om de één of andere reden boos ben op alles en iedereen (waarschijnlijk een combinatie van moeheid en chagrijnig zijn) en bij elke slome fietser denk: ‘Is het nou echt ZO moeilijk om IETS harder te fietsen?’ Ik vervloek auto’s die niet goed uitkijken, voetgangers die op het fietspad lopen en ieder mens die het waagt me aan te kijken.

Of als ik een bepaalde situatie heb waarin iemand stom doet en veel later pas bedenk: dát had ik moeten zeggen. Duizend keer speel ik de herinnering weer in mijn hoofd, maar dan met mijn reactie en ik word steeds bozer.  Het helpt natuurlijk niets. Had ik maar…

Het beste wat je in deze situaties kunt doen, is rustig gaan zitten, even relaxen, even wat chocolade eten en dan voelen hoe de woede langzaam wegebt (om de volgende dag twee keer zo erg terug te komen).

april 9th, 2014

Onbegrijpelijk

Ik begrijp heel veel niet. Wiskunde, mannen, wat er leuk is aan rugby. Maar sommige dingen staan ver bovenaan de lijst der dingen die Laura niet snapt en één daarvan is: de onesie.

Een onesie is eigenlijk een rompertje met een capuchon, maar dan voor volwassenen. Je hebt er verschillende uitvoeringen van, de dierenvarianten zijn populair, maar je kan ook als de Amerikaanse vlag gaan of superman. De rits loopt van boven tot helemaal naar onder, ja, tussen je benen. Oncharmanter kan niet.

Mensen dragen een onesie, omdat het lekker schijnt te zitten. Of omdat ze die ene obsessie hebben waarbij ze als een baby behandeld willen worden, inclusief speen. Mensen dragen een onesie in de vorm van een varken, want dat is ‘grappig’. Mensen dragen een onesie, want waarom zou je de moeite nemen om meer dan één kledingstuk aan te trekken?

Kijk, ik zie er ook niet charmant uit als ik thuis ben, met mijn relaxbroek aan en het vest van mijn vriendje, maar er zijn grenzen, weet je. Zo’n onesie schijnt bedoeld te zijn om ultiem te relaxen (al gaan sommige mensen er ook mee naar de supermarkt), maar er is één heeeeeeeeel groot probleem dat het ultieme relaxen in de weg staat.

Je kunt onmogelijk naar de wc met zo’n onesie.

Geen grapjes. Je moet eerst heeeeeeeeeeeeeeeel dat ding uittrekken, dus zorg er maar voor dat je niet nodig moet plassen. Het alternatief is al niet veel beter: een luier dragen (dan ben je wel écht een baby).

Nee hoor, dan neem ik maar de moeite om een paar extra kledingstukken aan te trekken. Ik zie er beter uit én het scheelt me minstens tachtigduizend minuten op de wc.

(ik daag de haters uit om mijn mening over de onesie te veranderen!)

april 7th, 2014

Q&A, Laura-style: de antwoorden

Jawellll, ik heb jullie originele/rare/gekke vragen beantwoord! Hier staan de antwoorden en op het einde zal ik de winnaar + prijs onthullen.

Anand: lieve Laura, stel, je wordt koningin der tuinkabouters. Hoe ver zou je dan gaan om ervoor te zorgen dat Barack Obama in jouw mooie land op staatsbezoek zou komen?
Oké, dit vereist toelichting. Anand noemt mij altijd een rode tuinkabouter, omdat ik een rode jas heb en voor de rest is het mij ook onduidelijk waarom, want ik ben heel groot. Maar goed, antwoord op de vraag: Barack Obama hoeft niet per se bij mij op staatsbezoek te komen. Het lijkt me nogal onpraktisch: hij is veel te lang om in onze kabouterhuisjes te kunnen staan en hoeveel eten moeten we dan wel niet verzamelen voor hem? Wij tuinkabouters kunnen prima zonder hem, want we hebben immers een geweldige koningin.

Shirley: aan wie zou je stiekem je broertje willen uithuwelijken?
Ik heb niemand persoonlijk op het oog, maar dit zijn de belangrijkste vereisten:
- Ze moet geen Laura heten.
- Ze moet mijn broertje goed behandelen.
- Alhoewel het fijn zou zijn om een bondgenoot te hebben in het ikhaatvoetbal is het toch leuker voor mijn broertje als ze wél van voetbal houdt.
- Ze moet chocolade voor me kopen.
Prima vereisten toch?

Linda: Stel, je zou een fantasiewezen kunnen zijn met superkrachten die de wereld zou kunnen helpen: wat voor wezen zou je dan zijn, hoe zou je eruit zien en wat voor rare krachten zou je (willen) hebben? Mogelijkheden voor rare krachten (los van dat je ook gewoon kan kiezen voor vliegen en spinnenwebben maken en weet-ik-veel, krachten die superhelden hebben) : in een seconde op de maan kunnen zijn en weer teruggaan, zelf pizza’s kunnen toveren voor als je honger hebt, en hulp inschakelen van dwergen :)
Als ik moest kiezen tussen de krachten die jij noemt, dan zou ik kiezen voor hulp inschakelen van dwergen. Die kunnen de wereld dan helpen met rommelige kamers opruimen, waardoor moeders niet boos worden, waardoor ze niet chagrijnig op hun werk verschijnen, waardoor het werk goed gedaan wordt en uiteindelijk komen we dan bij het redden van de wereld.
Maar goed, hoe zou ik eruit zien: prachtig natuurlijk, als een soort van vrouwelijke superman, maar dan met vleugels, want dat is cool. Als kracht zou ik willen hebben dat ik op elk moment chocolade tevoorschijn kan toveren, want daar wordt iedereen blij van, behalve stomme mensen.

Anieke: wat zou je doen als er een schaap voor je deur te vondeling was gelegd met een briefje erbij ‘voor laura, ik kom bij je wonen’
Ik zou tegen het schaap ‘Beeeeeeeeeh’ zeggen en dan zouden we nog lang en gelukkig leven.

Anieke: zou je liever trouwen met je vriendje maar altijd met een ander moeten zijn, of altijd met je vriendje moeten zijn maar trouwen met een ander?
Wat een kutvraag, Anieke! Maar dan zou ik kiezen voor het tweede, want ik ben liever bij mijn vriendje dan bij een ander.

Naomi: wat zou je allemaal doen als je een eendagsvlieg was? En dan letterlijk, dus niet iemand die maar even bekend is, maar echt een vlieg die maar een dag leeft.
Mensen irriteren! Dat is mijn hobby.

Estrella: stel, je zou op Mars gaan wonen, hoe zou je je leven daar voor je zien?
Ik denk dat ik de hele dag bezig zou zijn om het rode stof van mijn kleding te halen. Uiteindelijk geef ik het op en draag ik alleen maar rode kleding en dan ga ik een boekje lezen, terwijl ik aan de rand van een krater zit te bungelen met mijn benen.

Joke: welke vraag maakt jou gelukkig?
Vragen maken mij eigenlijk niet gelukkig, antwoorden (soms) wel.

Rianne: stel: De Voedsel en Waren Autoriteit besluiten na verontrustende berichten van het Voedingscentrum over wat er allemaal aan onrechtmatigheden in verwerkt zit de chocolade-kruidnoot voor eeuwig en altijd uit de schappen te halen, ook bij het Kruitvat. Wat betekent dat voor jou?
Mijn ondergang.

Lenneke: waarom mag ik niets vragen over seks of poep of plas????
Dat is viessssss.

Maudy: stel, je moet een drank maken met alleen hartige ingrediënten en er móét sambal, ketjap manis en shoarma doorheen zitten: wat zou jij van dit drankje maken?
Oh jee, ik houd niet zo van hartig, doe mij maar zoet. Ik zou er chips bij doen, kaasstengels en wat crackertjes.

Maudy: wat vind jij van mensen die kleuren heel moeilijk indelen? (‘aubergine’ en ‘violet’ ipv ‘paars’, dat gedoe.)
Zeikerds.

Maudy: als je moet kiezen, vind je dan dat het menselijke wezen meer op een schildpad lijkt of meer op een konijn?
Ja jeetje, wat lastig. Baby’s lijken meer op een konijn, maar bejaarden meer op schildpadden. Dan kies ik toch de schildpad.

Blauwesokken: wat is je favoriete ontbijt?
Niet havermoutpap, want ik ben geen hipster. Ik eet meestal magere kwark met hagelslag erdoorheen (can’t live without the chocolate).

Blauwesokken: als je een kleur mag zijn, welke kleur zou je dan willen zijn? en waarom?
Blauw, want blauw is awesome, blauw is mijn leven.

Blauwe sokken: wat deed je eergisteren om 14:28?
Voor het gemak ga ik even uit van eergisteren op dit moment (dat is dus 5 april 14:28). Toen was ik waarschijnlijk net klaar met het kijken naar mijn broertjes voetbalwedstrijd en reed ik met mijn moeder terug naar mijn ouders’ huis.

Azure Étoile: wat heb je liever; hetelucht ballonnen of waterballonnen?
Waterballonnennnnnnnn!

Azure Étoile: als er een planeet bestond waar al jouw ‘personalities’ woonden, zou je er dan ook heen gaan?
Nee, mijn personalities zij irritant!

Azure Étoile: als je op een dag wakker zou worden als een sportieve grandma in een landhuis in Engeland, wat zou je dan als eerste doen?
Ik kan me dat helemaal voor me zien, behalve dat ‘sportieve’. Als sportieve grandma zou ik natuurlijk mijn ochtendgymnastiek doen met ‘Nederland in beweging’ op mijn iPad (ben ook een hippe oma).

Het was een lastige keuze, maar uiteindelijk heb ik besloten dat Blauwe Sokken gewonnen heeft en niet alleen, omdat ik van blauw houd. Haar vraag ‘Wat deed jij gisteren om 14:28 uur?’ was te random voor woorden en is daarom de winnaar! Dus BS, binnenkort vind jij chocolade in je brievenbus (tenzij ik het al opgegeten heb).

april 6th, 2014

Testosteron en grote ego’s

Een te veel aan testosteron en alleen maar grote ego’s op het veld: ik heb het natuurlijk over het amateurvoetbal van mijn broertje. Mijn vader kon zijn geluk niet op dat mijn broertje op voetbal ging. Nu kon hij élke week langs de lijn schreeuwen, in plaats van die blauwe maandag dat ik aan een schoolvoetbaltoernooi deed en door de grond ging van schaamte (‘PASS DIE BAL NAAR LAURA!’).

Ik heb wel eens gekeken toen mijn broertje nog bij de f’jes zat. Elf schattige jongetjes in veel te grote shirts die op een kluitje rond de bal gaan staan. Sindsdien ben ik niet meer gegaan, want ik ben allergisch voor voetbal.

Maar afgelopen zaterdag kwam mijn moeder bij me staan met een ikweettochweldatjeneegaatzeggen-gezicht: ‘Kom je mee?’ vroeg ze. Die was ook al minstens tachtigduizend jaar niet gegaan. Mijn nieuwsgierigheid won het van mijn allergie en daar gingen we dan.

De schattigheid was verdwenen, maar de shirts waren voor sommigen nog te groot (voor anderen juist te klein, die hadden het babyvet van de f’jes nog niet verloren). Het stonk naar testosteron.
‘NAAR DE ZIJKANT, PASS HEM NAAR FLAPPO!’ hoorde ik en naar de tegenstander: ‘Ik weet dat je homo bent, maar je hoeft niet naar me te knipogen.’
Soms leek het net een ordinaire vechtpartij. Dat ging dan om een tackle of omdat de tegenstander je net te lang had aangekeken ofzo. Zelfs mijn moeder begon fanatiek te worden, maar ik bleef gewoon rustig zitten. Achteraf gezien was ik de enige die kalm was.

De voetbal was duidelijk veranderd in die tien jaar. Ik kom wel weer kijken over zestig jaar, dan is het misschien weer schattig met die oude mannetjes.

april 4th, 2014

Bloggen over de minder leuke dingen in het leven

Soms zou ik anoniem willen bloggen.

Er zijn wel eens discussies geweest in de bloggerswereld over negatieve blogjes, blogjes over de minder leuke dingen in het leven. Verdriet, woede, pijn. Sommigen zeggen: je moet alle kanten laten zien. Anderen zeggen: ik lees juist blogs om me even af te kunnen sluiten van de realiteit, om te mijmeren over een droomwereld.

Ik snap beide kanten, maar het ligt natuurlijk ook aan het soort blog. Als je een superfamous beautyblogger bent die vaak herkend wordt op straat, ga je waarschijnlijk niet bloggen over dat je vroeger mishandeld werd door je ouders (dit is een voorbeeld he, niet speculeren nu). Iedereen kan het lezen en iedereen weet dat het over jou gaat. Toch maar niet dan.

Ik ben natuurlijk ook superfamous of in ieder geval niet een anonieme blogger, dus laat ik de persoonlijke, negatieve blogjes achterwege. Maar soms zou ik het wel willen. Bloggen over hoe stom iemand me heeft behandeld. Over hoe moeilijk sommige dingen zijn.

Maar dan spreek ik iemand die ik lief vind.
‘Het komt wel goed,’ zeggen ze dan, of: ‘Het lag niet aan jou.’
En dan denk ik: het is goed zo.

april 2nd, 2014

Lezen in de trein

Als ik mensen in de trein een boek zie lezen, vind ik ze meteen een stuk aardiger. Vaak probeer ik dan heel sneaky te kijken welk boek ze lezen en als ik het ook ken, denk ik: ‘Zal ik er iets over zeggen? Of mag ik ze niet storen? Of is dat sowieso heel raar?’

Ook ik lees in de trein een boek, want, nou ja, duh. Laatst zat ik een enorm roze boek te lezen (‘De dag dat ik doodging’ van Tania Bongers), waar ik me wel een beetje voor schaamde, want nou ja, roze. Sinds ik de lichtroze muren van de vorige bewoner wit moest verven toen ik ging verhuizen, heb ik er zo mogelijk een nog grotere hekel aan gekregen.
Goed, dat boek dus. Naast mij ging een vrouw zitten, zo’n zweverig typje met kort haar, zo’n jasje met verschillende stukjes vierkanten stof (die je in van die wierookzaakjes kunt kopen). Ik ben zo nuchter als wat, dus daar kan ik sowieso niet zo goed tegen, maar wat deed ze?  Ze boog zich helemaal naar voren, richting mij en probeerde te kijken welk boek ik aan het lezen was. Stoïcijns las ik door, maar van binnen schudde ik heel hard met mijn hoofd.
Les één van het voyeurisme: zorg ervoor dat het bekeken object het niet merkt.
Ze deed het nog een paar keer, maar no way dat ik liet merken dat ze zich ook maar een centimeter bewoog en uiteindelijk gaf ze het op.

Het kan ook gewoon goed gaan. Vandaag was ik ‘Kind onder kannibalen’ van Charles Bukowski aan het lezen en een man sprak me, in het Engels, erover aan. Dat die Bukowski raw schreef, maar wel goed en enjoy het lezen. Hij was geïnteresseerd, maar niet té en mijn Engelse uitspraak was gewoon in één keer goed, terwijl ik normaal van de omschakeling ga stamelen.

Misschien moet ik de volgende keer ook maar iemand aanspreken die een goed boek leest.

maart 31st, 2014

Het gemis

De liefde is raar. Dat wisten we al. Vandaag gaan we één aspect ervan uitlichten.

Jeeeej, je lover en jij hebben een weekendje weg geboekt! Normaal zien jullie elkaar niet zo lang achter elkaar (druk, druk, druk, zo lang duurt de relatie nou ook weer niet dat je samenwoonplannen hebt en elkaar dus zowat elke dag ziet), dus dit is alleen maar dikke pret. Op een ruzietje hier en daar (‘Moet je nou echt zo HARD ademen?’ ‘Dit is al de derde keer dat je je omkleedt.’) is het perfect. Na drie dagen nemen jullie afscheid en brengen weer een dag zonder elkaar door.

Prima toch? Je hebt net drie dagen 24/7 bij elkaar doorgebracht, dus daar kan je wel een tijdje op teren. Maar je kroeliewoelie is net weg of je voelt het al je hele lichaam overnemen: het gemis. Het slaat werkelijk nergens op, je hebt een voorraadje liefde, hoor je niet blij te zijn dat je even van je lief af bent? Lekker rustig, tijd voor jezelf, weet je wel. Nou, niet dus.

En het gaat nooit over, sterker nog, het wordt steeds erger. Eerst kon je prima functioneren als je Beertje na drie dagen zag, maar nu is dat een ongelooflijke lange tijd waarin je minstens twintig keer een whatsappje stuurt met ‘Ik mis je zoohooo’. Stiekem kijk je al halsreikend uit naar de avond, terwijl je je hartendief in de ochtend nog hebt gezien.

En dan ben je, ein-de-lijk, na drie helse uren, weer bij hem/haar en dan gaat de tijd zo ongelooflijk snel voorbij. Zucht.

maart 29th, 2014

Dingen die misgaan als je een telefoongesprek voert

Want er gaat altijd wel iets mis tijdens een telefoongesprek.

- Halloi zeggen (combinatie van hallo en hoi) of doeig (doei/doeg/dag).
- Nummer verkeerd ingetoetst of überhaupt het verkeerde nummer gekregen.
- Meteen door naar de voicemail, maar je haat voicemails inspreken en oh wacht, was dat het piepje? Shit, shit, shit, wat moet ik zeggen?
- ‘Goede…’ Kut is het nou ochtend of middag? ‘Goedemorg- goedemid- eh hallo met Laura.’
- ‘Wat zegt u?’ ‘Zou u het nog een keer kunnen herhalen?’ En het dan nog steeds niet kunnen verstaan.
- Steeds weer doorverbonden worden.
- ‘Goedemiddag, u spreekt met Laura Bosua van-’ Black-out. Hoe heet mijn stageplek ook alweer? ‘Dutch, eh, Dutch, ehm ja, Dutch Media … Books’.
- ‘Wie heeft er net gebeld?’ ‘Uhm, ik weet niet, ik verstond de naam niet…’
- ‘Blablabla’. Plotseling hoor je niets meer. ‘Hallo?’ zeg je als een gek tegen je telefoon. ‘Hallo?’ Daarna kijk je verdrietig naar je mobieltje. Dit gebeurt altijd in het openbaar.
- Dat je vriendje belt op je stage/werk: ‘Love you.’ En dat je dan terug zegt: ‘Ja. Van hetzelfde.’
- Dat je zo slecht articuleert dat iemand denkt dat je Fleur heet in plaats van Laura (true story).