Posts tagged ‘betekenaar’

augustus 30th, 2012

Een woordenboek is zo makkelijk nog niet

Je hebt een leestoets Frans. Of je weet niet wat dat woord in het Engelse boek dat je aan het lezen bent betekent. Wat het ook is, je kijkt in het woordenboek. Bladeren, bladeren totdat je bij de a/b/c/etc. bent gekomen en voila, je weet wat het betekent. Toch? Of is het eigenlijk niet zo simpel?

Het is niet zo simpel en ik zal het uitleggen (of althans een poging doen). Er bestaat zoiets als een betekenaar en daarnaast is er ook nog een betekende. Betekenaren zijn willekeurig. In het Nederlands heet een boom ‘boom’ (‘Dat meen je niet!’), maar in het Engels ‘tree’. We hadden het net zo goed ‘oeloewoeloe’ kunnen noemen, dat maakt niet uit. Het woord zegt eigenlijk niets over het concept. De naam die je het geeft, is dus de betekenaar en waarnaar verwezen wordt, is de betekende, dus het concept zelf.

Dit heb ik (weer helaas!) niet zelf bedacht, maar is een principe wat naar voren komt in het poststructuralisme, een literatuurbenadering. De betekende is eigenlijk een spel van betekenaren en als voorbeeld wordt het woordenboek genoemd.

Stel, je wil weten wat het woord ‘meander’ betekent (ik sloeg even het woordenboek op een willekeurige pagina open). In mijn woordenboek staat dat dit ‘kronkelende lijn’ betekent. Hmm oké. Maar wat betekent ‘kronkelend’ dan? En wat is een ‘lijn’? ‘Kronkelend’ staat er niet in, maar wel ‘kronkelig’: met kronkels. Maar wat zijn ‘kronkels’? Een ‘kronkel’ is: herhaalde kromming. Maar wat houdt ‘kromming’ in?

En zo ga je maar door en door. De ene betekenaar wordt voor de andere ingewisseld en wordt beschreven door andere betekenaren, zodat je eigenlijk nog steeds niet weet waar je aan toe bent. Natuurlijk, je weet wat een ‘lijn’ is en uiteindelijk zul je wel doorkrijgen wat het nou ongeveer betekent, maar dat is het probleem eigenlijk: het is ongeveer. Je kunt niet precies uitleggen wat een boom is. Je moet altijd gebruik maken van andere betekenaren.

Denk daar maar eens aan de volgende keer dat je een woordenboek openslaat (‘Nee, Laura, dat doen ze in deze tijd niet meer. Ze zoeken het op internet, wat denk jij dan?).

juni 6th, 2012

Ik: uniek of niet?

Als je de titel van deze blog leest, dan denk je misschien: ja, natuurlijk ben je uniek, Laura! Iedereen is uniek! Of: nee, natuurlijk niet, Laura, niemand is uniek, we lijken allemaal op elkaar!
Maar dan ben je op het verkeerde been gezet. Want dat bedoel ik helemaal niet. Het gaat om het woord ‘ik’ zelf. Ik zal het even uitleggen.

Lacan (een slimme meneer) bedacht het systeem van de ordes. Als kind kom je eerst in de imaginaire orde, ook wel het spiegelstadium genoemd. Het kind ziet zichzelf niet in zijn totaliteit, maar leert zichzelf zien door een extern beeld (de ander). Dat zorgt voor gespletenheid, omdat het kind zichzelf dus via via ziet. Met het toetreden van de taalorde (als het leert spreken) komt het kind in de symbolische orde terecht en daar blijft hij de rest van zijn leven. Maar door de taal die het kind leert, gaat er iets verloren, de betekende van zijn eigen ik (Een betekenaar is een woord, bijvoorbeeld ‘boom’. Betekenaren zijn willekeurig. In het Nederlands heet het een ‘boom’, in het Engels ‘tree’, maar ze verwijzen naar hetzelfde. Het concept waarnaar verwezen wordt, heet een betekende). Daarnaast heb je nog de reële orde, dat is dat wat niet symboliseerbaar is en daar kun je dus nooit bij.

Goed, ik hoop dat jullie het nog snappen tot nu toe haha en anders kun je altijd vragen om opheldering! We gaan nu verder over betekenaren. Alle woorden zijn betekenaren, zo ook het woord ‘ik’. Je hebt er misschien nog nooit over nagedacht, maar eigenlijk is het raar. Je gebruikt het woord ‘ik’ als verwijzing naar jezelf, maar het zegt niets over jou, het zegt niets over je unieke zelf (in het geval dat je gelooft in een ‘unieke zelf’ natuurlijk). Het woord ‘ik’ is inwisselbaar, iedereen gebruikt het immers. Zelfs je naam zegt niets over jou. De naam Laura zegt niets over mijn identiteit, het is willekeurig, mijn ouders hadden me ook Ashley kunnen noemen.
‘Maar wat als jij de enige bent met die naam?’
Misschien ben je nu wel de enige (ik ben geloof ik de enige die Laura Bosua heet, in ieder geval op Facebook haha), maar dat maakt niet uit. Het zegt het alsnog niets over jou, omdat het willekeurig is. Het is gewoon handig, zo’n naam (als je iemand kwijt bent in een grote menigte bijvoorbeeld), meer niet.

Hoe raar is dit idee wel niet? En misschien ook wel vervelend. Dat taal grenzen heeft, dat je niet alles kan uitdrukken met taal. Dat ‘ik’ niet uniek is.

Denk daar maar aan de volgende keer als je weer teveel over jezelf praat!