Posts tagged ‘kat’

oktober 11th, 2017

Kutkat aangeboden

Mijn week begon al slecht. Nog enigszins slaapaangeschoten stapte ik de woonkamer binnen. Ik keek recht uit op een bilspleet van een man die bezig was met een stellage voor het raam. Sindsdien kwam het niet meer goed. Het regende, maar ik had mijn paraplu uitgeleend aan iemand anders en kwam daar pas achter toen ik al op de fiets zat. Natuurlijk had ik net mijn haar gewassen. Ik gaf een fortuin uit bij de Hema, liep urenlang bij de Donner naar boeken te kijken en toen ik thuiskwam, moest ik meteen werken.

De volgende dag begon zo mogelijk nog slechter. Ik werd eerst wakker door mijn huisgenoot, viel in slaap, werd wakker door de werklui, viel in slaap en toen ging de wekker veel te vroeg. Nietsvermoedend stond ik op om te ontdekken dat Dikkie mijn bed ondergekotst had. Zelf bijna kotsend liep ik in mijn ondergoed naar de woonkamer om keukenpapier te halen om daar te ontdekken dat die stellage er nog stond inclusief bilspletenman. Daarna sprong ik snel onder de douche en fietste ik, terwijl het regende uiteraard, naar een afspraak met een vriendin. Ergens tussen die activiteiten door rook ik een gek luchtje, maar ik had haast, dus ik ging gewoon weg.

Ik kwam thuis en dacht: laat ik even mijn koffer verder inruimen, want ik ga morgen (dat is dus voor jullie vandaag) naar Taiwan. Ik pakte er een wit hemdje uit – die dag ervoor gekocht bij de Hema – en merkte een gele vlek. En toen besefte ik wat de geur was die er uit mijn koffer kwam: kattenpis. Jawel jongens, mijn schat van een kat had én mijn bed ondergekotst én mijn koffer met inhoud ondergeplast.

Huilend stortte ik neer, terwijl ik een vuile blik wierp naar het duivelse beest. Nadat ik een beetje ben bijgekomen, pakte ik haar op. Zo, die gaat bij het grofvuil. Kutkat.

Tags:
februari 12th, 2017

Fictief interview met Dikkie

 

Al een paar jaar is er geen fictief interview meer te vinden op mijn blog en dat is natuurlijk jammer. Er zouden meer fictieve interviews in de wereld moeten zijn. Voor iemand die door haar vrienden als kattenvrouwtje bestempeld wordt (tss, alleen maar omdat ik maandelijks naar het kattencafé ga), schrijf ik bizar weinig over mijn eigen kat. Daarom vandaag een fictief interview met Dikkie.

‘Psst, slaaf!’
Verbaasd kijk ik om. Waar komt dat geluid vandaan?
‘Slaaaaaaf, slaaf, slaaf, slaaf.’
Ik kijk naar beneden en zie daar de schattigste kat ooit staan. Maar waarom noemt Dikkie me slaaf, ik ben toch gewoon haar baasje? Ze rolt met haar ogen.
‘Ik ben hier de baas.’
Oké, ik laat haar gewoon in de waan.
‘En ik ben niet tevreden over jouw prestaties.’
Mijn mond valt wijd open. Haar bakje is altijd met brokjes gevuld en er staan meerdere bakken met water. Als ze me ’s nachts wakker maakt, omdat mevrouw geaaid wil worden, word ik niet boos. Nee, ik aai haar gewoon. Wat valt er nog meer te presteren?
‘Ik heb het over je zangtalenten, of eerder het gebrek daaraan.’
Ik voel mijn wangen rood worden en hoop dat ze niet verder gaat. Niemand weet dit en dat wil ik graag zo houden. Laat staan dat al mijn miljoenen bloglezers dit te weten komen.
‘Weet je wel, dat liedje dat je altijd zingt. ‘Ik hou van Dikkie’ op het deuntje van ‘Ik hou van Holland’. Of ‘Dikkie, je bent de mooiste van de hele wereld’ op het deuntje van ‘Mama, je bent de liefste van de hele wereld’. Ik word helemaal gek. Het is vast aardig bedoeld ofzo, maar JE KAN NIET ZINGEN. KAP ERMEE.’
Verslagen zit ik op mijn stoel. Het lukt me niet eens meer om haar aan te kijken, dit monster dat me nu verraadt. Alles heb ik haar gegeven, álles. Behalve de Griekse yoghurt die ik eet of meer dan een klein stukje kip of kaas. Maar voor de rest toch wel heel veel. En nu vertelt ze mijn grootste geheim aan de hele wereld. Toch draai ik na een paar minuten mijn hoofd om en kijk in die groene, giftige ogen.
‘Dikkie,’ zing ik. ‘Je bent de stomste van de hele wereld.’

Sindsdien heb ik haar niet meer gezien.

mei 17th, 2016

Ik ben geen echt kattenvrouwtje, scusi

IMG_20160419_192411

Dat had je vast wel verwacht toen ik Dikkie in huis nam en al helemaal toen ik verklaarde weer vrijgezel te zijn. Maar helaas:

– De blogjes en foto’s van Dikkie zijn op een hand te tellen. Oké, twee.
– Ik app mijn vriendinnen (van wie bijna niemand zelf een kat heeft en de helft allergisch is, dus ik heb ook niet de juiste vrienden) niet elke dag met: WAT DIKKIE NOU WEER GEDAAN HEEFT. KIJK HOE SCHATTIG ZE IS OP DEZE FOTO.
– Maar toen ik samenwoonde, deed ik dat wel met ex-lover.
– Ik noem mezelf niet ‘het vrouwtje van’.
– Of Dikkie ‘mijn kindje’.
– Ik zeg mijn kat geen gedag als ik wegga. 
– Ik heb maar één kat, niet tien.
– Ik heb Dikkie nog nooit iets van kleding aangetrokken, hoogstens een dekentje over haar heen gelegd.
– Er hangt geen canvasfoto van mijn kat aan de muur.
– Ik praat niet met een hoog stemmetje tegen mijn kat. 
– Over foto’s gesproken: ik plaats niet dagelijks een foto van haar op Instagram. Niet eens wekelijks.
– Ik geef niet mijn halve maandsalaris uit aan kattenspeeltjes.

Valt reuze mee dus.

maart 27th, 2015

Dingen die ik tegen mijn kat zeg


Ik heb de knapste en slimste kat van de wereld.

(niet lezen als je niet van katten houdt en al helemaal niet van mensen die tegen hun katten praten)

Uiteraard inclusief babystemmetje.

Als ze stout is geweest:
– ‘Dat doen we niet he!’ Ik wijs dan ook met mijn vinger, waar ze vervolgens aan begint te ruiken en te likken.
– ‘FOEI, DIKKIE, FOEI.’
– ‘Dat vindt baasje niet zo leuk.’

Als ik wegga:
– ‘Doei Dikkie! Ik ben zo weer terug. Love you!’
– ‘Doei Dikkie.’ (als ik boos op haar ben)
– ‘…’ (als ik heel erg boos op haar ben)

Als ik terugkom en ze met haar pootjes tegen het raam om me zit te wachten:
‘Heb je me zo gemist? Heb je me zo gemist? Ik jou ook hoor. Ja. Jaaa. Wie is een lief poesje? Ja, dat ben jij.’

Als ze lief doet:
‘Ik hou zoveel van jou. Je bent de mooiste kat die er is.’

Als ze stom doet:
‘Je bent echt de stomste kat die ik ken.’

Als ze na tachtigduizend pogingen eindelijk het veertje te pakken krijgt tijdens het spelen:
‘Wat kan jij goed jagen zeg!’

Als ze uitglijdt door de gladde voer of gewoon onhandig doet:
‘Jij bent niet zo’n slim poesje hè?’

Als ze naar me kijkt:
‘Miauw.’ (en dan in stilte juichen als ze terug miauwt).

december 12th, 2014

Onverwachte nadelen van het hebben van een kat

20141206_12361620141206_123730
Dikkie vindt het niet leuk dat ik al die nadelen noem.

Na de onverwachte voordelen konden alle kattenhaters niet wachten op de onverwachte nadelen van het hebben van een kat. Nou, hier zijn ze hoor!

– Je weet hoe het is om een stalker te hebben, aangezien bij elke stap die je zet een kat achter je aanloopt.
– Als je een snoepje geeft, ruiken je vingers naar het snoepje en bijt je kat vervolgens in je vingers.
– Je krijgt een voorproefje van hoe het is als je een kind hebt: je maakt je continu zorgen (eet ze wel genoeg, drinkt ze we genoeg, is ze niet te dik, is ze niet te dun, waar is ze nou? Houdt ze wel van me?)
– In je eentje dansen is awkward als er een kat naar je staart.
– Je moet altijd goed uitkijken als je de voordeur opendoet, want voor je het weet, ontsnapt de kat (thank god zit er bij ons nog een trappenhuis waardoor ze niet meteen op straat belandt).
– Ze kunnen niet vertellen wat er is of wat ze willen.

Sorry kattenhaters, het weegt niet op tegen de voordelen! Dikkie en wij zijn nog steeds dik met elkaar.

november 25th, 2014

Onverwachte voordelen van een kat

FMdA42qDrrpZ_McdnVxuA0_uafL1fchOgyfwKgwgSGg=w584-h510-no
Fuck off met die telefoon.

Natuurlijk, het is leuk voor je Instagram, zo’n kat en om te knuffelen. Maar toch komen er ook nog een hoop onverwachte voordelen bij kijken. Jawel.

– Vaker stofzuigen = schoner (die van ons verliest niet superveel haren of ze vallen gewoon niet zo op, omdat ze dezelfde kleur als de vloer heeft…).
– Een extra kacheltje naast mijn vriend.
– (Bijna) altijd een hartelijk welkom in de vorm van kopjes.
– Altijd een excuus om belachelijke dingen te zeggen met een hoog piepstemmetje (‘Weet je dat ik heel veel van je houd? Ja, van jou, mijn lieve kat. Jij bent van mij, schatje.’)
– Een kat kan niet praten, hoeveel je ook zeurt.
– Altijd een gespreksonderwerp met je lover.
– Tien keer per dag ‘Awwww’, omdat de kat zo schattig is als ze slaapt.
– Goed excuus om binnen te blijven en niet de kou in te gaan.
– Bij het spelen heb je meer plezier dan de kat zelf.
– Ik heb voor de komende maanden een blogonderwerp (just kiddinggggg).

Voor de kattenhaters (you bitches), er komt ook nog een blog met de onverwachte nadelen.

november 13th, 2014

Haat en liefde liggen niet ver uit elkaar

urE2Et6lL6iO_jrmJodYdULOhqNVPIwhikw1QYN_aNY=w412-h553-no GZNQ9KPW6d16EuhS6NNDh1sIHrDC6aak9zX8atFxoX0=w410-h553-no

Dus. Wij hebben een kat. Ze heet Dikkie, want dat is een geniale naam en mijn vriend wilde haar geen Flapdrol noemen, dus dan kom je daarop uit. Maar hoe bevalt het leven met zo’n dikzak?

Soms is ze de liefste kat ter wereld. Ze ligt op haar rug en toont haar buikje, terwijl ze je met grote ogen aankijkt. Of ze achtervolgt je overal (wat niet zo moeilijk is in zo’n pietpeuterig huisje als dit). Of ze ligt lekker tegen je aan en spint tijdens het aaien. Wow, denk je dan. Dit is liefde.

Soms ben je haar lekker aan het aaien en steekt ze vanuit het niets haar klauwen uit. Of je bent met haar aan het spelen en ze begint te blazen, omdat je aan haar speeltje zit. Of ze zit de hele dag in jóuw kledingkast chagrijnig te zijn en wordt nog chagrijniger als jíj kleding uit jóuw kledingkast haalt. Wow, denk je dan. Dit is haat.

Het is natuurlijk nog even wennen, want ze is krap twee weken bij ons. Elke dag leer ik weer nieuwe dingen (mevrouw vindt muziek van the Kik wel oké) en kijk, ik had het natuurlijk kunnen weten: het is een vrouw. Ik ben alleen maar mannen gewend die redelijk consistent zijn in hun gevoelens en niet de hele dag wisselen van chagrijnig zijn naar lief zijn naar boos zijn naar moe zijn naar actief zijn,

Maar hé, het komt wel goed. Vooral omdat ik gemerkt heb dat we een ideale bond vormen tegen de enige man in huis… Muwhahaha.

november 1st, 2014

Noem je me nou dik?

IMG_20141101_220745

Als je weet dat je over een week een kat krijgt (wat je al jaaaaaaaren wil), dan kan ik een week héél lang duren. Ein-de-lijk konden we de poes ophalen: Dikkie (ja, eerst heette ze Tonka, maar wij noemen haar liever Dikkie, al noem ik haar vooral lieverd, lieffie, schatje, gekkie, eigenlijk zoals ik Jeroen ook altijd noem).

Ik heb zelfs nachtmerries gehad. Dat ze bij ons kwam en helemaal agressief werd, ons niet lief vond. Onbegrijpelijk uiteraard, want wie vindt mij nou niet lief? Maar toch. Je weet maar nooit.

In de auto miauwde ze af en toe klagelijk, maar ze hield er eigenlijk vrij snel mee op als ik ‘Rustig maar, lieverd, we zijn bijna thuis.’ riep met een hoog stemmetje. Eenmaal binnen in het huis kroop ze meteen onder de kachel, maar tot mijn verbazing, toen ik wat water voor haar neerzette, begon ze een hele wandeling in het huis. Alles werd besnuffeld en voorzien van haar geur, inclusief ikzelf.

Op dit moment ligt ze in de tvkast eigenwijs te zijn. Geen zin in snoepjes, geen zin in speeltjes. Maar dat geeft niet, Dikkie. We gaan heel goed voor je zorgen.

Tags:
oktober 25th, 2014

Gezinsuitbreiding

IMG_20141025_140728

Nee, ik ben niet zwanger zoals de helft van de vrouwelijke bloggers: we krijgen een poesje! Jullie kunnen je wel voorstellen hoe blij ik ben na jaren zeuren bij Jeroen. Maar hoe is dat dan in zijn werk gegaan?

Nou, we wilden allebei graag een kat, maar toen bleek Jeroen allergisch te zijn. Ik heb nog overwogen om hem gewoon het huis uit te gooien, maar aangezien hij ook mijn kok en kacheltje is, besloot ik hem toch te houden en te kijken naar andere mogelijkheden. Bij sommige rassen heb je minder last van de allergie dan bij anderen en dat bleek zo te zijn bij de Siberische kat.

Vervolgens zijn we bij twee huizen met Siberische katten langs geweest en daarna bij een cattery voor een poes (bij poezen heb je minder last van allergie dan bij katers). De cattery had een poes van vijf jaar die gesteriliseerd was en een beetje buiten de boot viel tussen de andere katten. Ze heeft veel liefde en aandacht nodig. Drie keer raden wat wij heel graag willen geven.

Ze heet Tonka en eigenlijk willen we haar een andere naam geven, maar we weten niet of ze daar op gaat reageren (op Tonka reageert ze wel). Over een week (een week voelt heel lang als je zo ongeduldig bent als ik) gaan we haar ophalen en oooooh mijn god, ik heb er zo’n zin in. Ik verwacht niet dat het makkelijk zal zijn in het begin, omdat ze nog nooit in een ander huis is geweest en erg zal moeten wennen, maar het komt vast allemaal goed.

Elke dag zeggen Jeroen en ik tegen elkaar: ‘We krijgen een poesje!’ en springen dan door het huis heen. Stap 1 in mijn levensplan met Jeroen is gezet, nu nog zorgen dat hij me ten huwelijk vraagt…

(volgende week komen er natuurlijk ook veel foto’s van Tonka, no worries of wel, als je niet van katten houdt, maar dan ben je sowieso stom)

(oh en alle tips zijn welkom!)

Tags:
september 28th, 2014

De kat van de buren

20140918_190010

Zoals jullie misschien nog weten, had ik de liefde van mijn leven ontmoet: het poesje van de buren. Dat was snel over toen hij me beet, terwijl ik hem alleen maar lekker achter de oortjes wilde kriebelen. Gelukkig duurde het met mijn looks en aaivermogen niet lang, voordat er een nieuwe minnaar op mijn pad kwam.

Ik weet alleen niet hoe hij heet.

Maar we noemen hem: de kat van de buren.

Ja ja, het is niet erg origineel, maar in dit geval is het echt zo. Het is de kat van onze buren. Het is een buitenkat, maar zijn baasje woont op de tweede verdieping. Om binnen te komen, moet het baasje eerst op een zoemer drukken, maar ja, die ziet die kat natuurlijk niet buiten staan. Je begrijpt al waar dit verhaal naar toe gaat.

‘Miauw,’ hoorde ik. Het was de langharige kat van de buren, die me normaal geen blik waardig gunde, maar nu klagelijk naar me miauwde. Hij cirkelde om mijn benen, gaf kopjes en liet zelfs toe dat ik hem aaide. Daarna liep hij naar de deur van de buren en ging er met zijn pootjes tegenaan.
‘Doe nou opeeeeen!’ riep hij.
Dus ik druk op de bel van begane grond, de eerste, en de tweede verdieping. Niets. Ik druk nog een keer. Nog een keer.
‘Ja?’ hoor ik.
‘Ehm, je kat staat hier voor de deur en ik vind het zielig, dus vandaar dat ik aanbel…’
Ik zie de buurvrouw (die ik overigens nog nooit heb gezien) al verbaasd kijken, maar toch doet ze open. De kat kijkt nog één keer om, ‘Kom je nou?’ en klautert dan de trap op. Ik zwaai en loop terug naar mijn eigen deur.

Nu is het elke keer dat als de kat van de buren naar binnen wil en hij mij ziet, hij meteen naar me toe komt.
‘Doe nou opeeeen!’
Soms is de buurvrouw er echter niet. Een beetje zielig staan we dan allebei zo te kijken van: wat jammer. Ik zou hem natuurlijk graag mee naar binnen willen brengen, maar ja, mijn vriend is nogal allergisch jaloers aangelegd. Kortom: dit is wederom een smachtende, onmogelijke liefde. Zucht…

Tags: